Hof 's-Hertogenbosch 18 februari 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BC5430
Beschikking in hoger beroep van de raadkamer van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch op een verzoek ex artikel 164, negende lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Het hof constateert dat artikel 164, lid 9, van de Wegenverkeerswet 1994 een vergelijkbare redactie kent als artikel 89 van het Wetboek van Strafvordering en dat in het kader van artikel 89 van het Wetboek van Strafvordering een vaststaand forfaitair bedrag wordt toegekend voor iedere dag dat men in verzekering en/of voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Het hof acht het om die reden aangewezen dat ook in het geval dat wordt voldaan aan de voorwaarde van artikel 164, lid 9, van de Wegenverkeerswet, een forfaitaire vergoeding wordt toegekend voor iedere dag dat het rijbewijs van betrokkene ingevorderd is geweest. Het hof stelt deze forfaitaire vergoeding op € 10,-- per dag. Bijzondere omstandigheden kunnen leiden tot een hogere vergoeding maar de daartoe aanwezige feiten en omstandigheden zullen door betrokkene moeten worden aangetoond. In het onderhavige geval is daarvan geen sprake.
De uitspraak op rechtspraak.nl