Hof 's-Hertogenbosch 8 mei 2007, ECLI:NL:GHSHE:2007:BA5713
De rechtbank was niet bevoegd om van het verzoek van de man kennis te nemen, gezien het feit dat de kinderen hun woonplaats niet in het arrondissement van deze rechtbank hebben. De rechtbank had de zaak in de stand waarin deze zich bevond, dienen te verwijzen naar de bevoegde rechtbank, zijnde de rechtbank Arnhem. Nu het hof als gevolg van het door de vrouw ingestelde hoger beroep kennis neemt van een zaak, die, gelet op de woonplaats van de kinderen in het ressort Arnhem, in eerste aanleg door een onbevoegde rechter is behandeld, dient de zaak op grond van het bepaalde in artikel 270 lid 1 Rv. in de stand waarin deze zich thans bevindt, dus in de stand van het hoger beroep, te worden verwezen naar het gerechtshof Arnhem in verband met de woonplaats van de kinderen. Gelet op het bepaalde in artikel 60 RO vernietigt het hof de bestreden beschikking en verklaart het hof de rechtbank onbevoegd om van het verzoek van de man tot wijziging van de beschikking van de rechtbank Arnhem van 17 augustus 2000 kennis te nemen.
De uitspraak op rechtspraak.nl