Hof 's-Gravenhage 27 mei 2004, ECLI:NL:GHSGR:2004:AP0151

Vie d'Or was een levensverzekeringsmaatschappij die in de eerste helft van de jaren '90 een spectaculaire groei doormaakte maar nadien vrij snel in moeilijkheden raakte en vervolgens failliet werd verklaard. In deze zaak gaat het om de vraag of de Verzekeringskamer, de Staat, de accountants en de actuaris (hoofdelijk) aansprakelijk zijn voor de schade die de voormalige polishouders en andere crediteuren hebben geleden als gevolg van de déconfiture van Vie d'Or. Het hof beantwoordt deze vraag bevestigend. Het is van oordeel dat de Verzekeringskamer niet heeft gehandeld als van een redelijk handelend toezichthouder mocht worden verwacht, dat de actuaris in strijd met de voor zijn beroepsgroep geldende normen en op verwijtbare wijze heeft nagelaten de directie en de raad van commissarissen tegen het gevaar van discontinuïteit te waarschuwen en dat de accountants ernstig hebben gefaald in de uitvoering van hun taak.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen