Hof Den Haag 21 januari 2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:274

Cyberkamer. Exclu-zaak. Tussenbeslissingen omtrent onderzoekswensen. Algemene overwegingen over interstatelijk vertrouwensbeginsel. Vaststelling dat Nederlandse politie de leiding had over het analyseren en ongedaan maken van in het Exclu-communicatieprotocol toegepaste versleuteling. Navolgende overwegingen naar aanleiding van het verzoek beslissingen van Duitse autoriteiten aan het dossier toe te voegen. Niet kan worden vastgesteld dat Nederland feitelijke zeggenschap had over de inzet van het interceptiemiddel waarmee werd geïntervenieerd in het uitwisselen van de sleutels tussen de Exclu-berichtenserver en de Exclu-toestellen. Dat is anders waar het gaat om het binnendringen in een zich in Duitsland bevindende Exclu-berichtenserver. Daartoe hebben Nederlandse opsporingsambtenaren zelfstandig opsporingshandelingen verricht. Deze worden omschreven in een ruime hoeveelheid dossierstukken, waaronder machtigingen en bevelen gebaseerd op art. 126uba Sv. Voorts blijkt uit het dossier dat de gevraagde machtigingen voor deze onderzoekshandelingen steeds door de Duitse autoriteiten zijn verleend. In dat licht valt niet in te zien waarom in het kader van de overall fairness van de strafzaak die machtigingen zelf aan het dossier zouden moeten worden toegevoegd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken