Hof Den Haag 24 juli 2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:1778

Art. 6:7, 6,9 Awb; art. 123, lid 2 Waterschapswet; art. 11, 13 Invorderingswet 1990; art. 2, 3 lid 1, Kostenwet invordering rijksbelastingen. Bezwaar tegen beschikking aanmaningskosten was terecht niet-ontvankelijk verklaard. Toezending aanslag via plaatsing in digitale berichtenbox MijnOverheid. Aanslag was op juiste wijze bekendgemaakt. Nu betaling van de aanslag binnen de vervaltermijn is uitgebleven is belanghebbende terecht aangemaand en zijn daarbij terecht aanmaningskosten in rekening gebracht. Nu betaling van de aanmaningskosten binnen de vervaltermijn is uitgebleven, zijn terecht betekeningskosten in rekening gebracht. Er bestaat geen reden voor een vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn en evenmin voor een schadevergoeding wegens onrechtmatige overheidsdaad.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken