Hof Den Haag 27 november 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:3145
Het Openbaar Ministerie is niet-ontvankelijk in de vervolging ten aanzien van de impliciet subsidiair tenlastegelegde overtreding, vanwege verjaring. Het hof is voorts van oordeel dat de uitzondering in artikel 1, lid 3, aanhef en sub a EVOA zich in dit geval voordoet en dat derhalve de EVOA niet van toepassing is op de overbrenging van het produced water van Angola naar Nederland. Er is geen sprake van een illegale overbrenging in de zin van de EVOA. De verdachte heeft derhalve niet in strijd gehandeld met artikel 10.60, lid 2 Wm. Vrijspraak.
De uitspraak op rechtspraak.nl