Hof Den Haag 21 maart 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1066
In het principaal hoger beroep is in geschil of de waarde van de woning tot een te hoog bedrag is vastgesteld. Daarbij is tevens in geschil tot welk bedrag de waarderingsuitzondering voor waterverdedigingswerken als bedoeld in artikel 18, vierde lid van de Wet WOZ juncto artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel f, van de Uitvoeringsregeling uitgezonderde objecten Wet waardering onroerende zaken (hierna: URUOW) en artikel 220d, aanhef en onderdeel g, van de Gemeentewet (hierna: de waarderingsuitzondering) van toepassing is
De uitspraak op rechtspraak.nl