Hof Arnhem 29 november 2012, ECLI:NL:GHARN:2012:BY4622

Groninger HIV-zaak, Poging zware mishandeling, Causaliteit. Causaliteit. Niet hoogstonwaarschijnlijk is dat het bij aangevers geconstateerde zwaar lichamelijk letsel, te weten de HIV-besmetting, is veroorzaakt door een ander dan verdachte of zijn medeverdachten en op een andere wijze dan in de tenlastelegging is verwoord, zoals het hebben van onbeschermde seks door iemand die met HIV is besmet. Daarmee wordt de vraag of aannemelijk is dat het gevolg met een aanzienlijke mate van waarschijnlijkheid door de gedraging van de verdachte is veroorzaakt, ontkennend beantwoord. Met de rechtbank is het hof van oordeel dat de genoemde omstandigheden de situatie mogelijk maken dat op het moment dat de tenlastegelegde gedragingen werden gepleegd – bijvoorbeeld een aangever injecteren met hiv-besmet bloed – deze aangever reeds (enige tijd tevoren) was besmet met een virusvariant uit hetzelfde cluster door een ander dan verdachte(n), dan wel kort daarna is besmet (nu ook een injectie niet in alle gevallen tot een besmetting hoeft te leiden). Gelet daarop kan het oorzakelijk verband tussen het handelen van verdachte en de bij de aangevers ontstane HIV-besmetting niet worden aangenomen. Poging tot zware mishandeling wel bewezenverklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen