Hof Arnhem 3 mei 2011, ECLI:NL:GHARN:2011:BT6881
Toepassing HR 28 oktober 1980, LJN AC 7020. Hieruit blijkt dat voor de beoordeling van de vraag of [verdachte] vervolgd kan worden voor feiten die voor de oprichting zijn gepleegd niet doorslaggevend is of naar regelen van vennootschapsrecht de B.V. te beschouwen is als een voortzetting van de vennootschap onder firma, maar dat de maatschappelijke realiteit ten deze beslissend is. Daderschap rechtspersoon. Toepassing HR 21 oktober 2003, NJ 2006, 328. Het hof stelt vast dat de tenlastegelegde gedraging paste in de normale bedrijfsvoering van verdachte. Verdachte kan als dader worden aangemerkt.
De uitspraak op rechtspraak.nl