Hof Arnhem-Leeuwarden 3 november 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:6853

Proceskostenvergoeding. Het hof volgt het oordeel van de Hoge Raad uit het arrest van 24 juni 2025 (ECLI:NL:HR:2025:985) en past bij de berekening van de proceskostenvergoeding de factor, genoemd in artikel 13a, tweede lid, van de Wahv toe. Er is geen sprake van een bijzonder geval in de zin van die bepaling. Het enkel in rekening brengen van een (beperkte) vergoeding brengt nog niet mee dat niet wordt voldaan aan alle door de Hoge Raad geformuleerde kenmerken. Het gaat er niet om of in een individuele zaak (deels) niet wordt voldaan aan één van deze kenmerken, maar of het bedrijfsmodel (van het kantoor) van de gemachtigde in zijn geheel niet voldoet aan alle kenmerken. De gemachtigde heeft geen inzicht gegeven in zijn bedrijfsmodel, zodat dit niet kan worden beoordeeld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken