Hof Arnhem-Leeuwarden 27 maart 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:1707
Onderzoek Ultegra. Veroordeling ter zake leiding geven aan een criminele organisatie, internationale wapenhandel, wapenhandel in Nederland, wapenbezit, oplichting, mensenhandel, bedreiging en mishandeling tot een gevangenisstraf van 8 jaren.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Tekst
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-003630-21
Uitspraak d.d.: 27 maart 2025
TEGENSPRAAK
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem- Leeuwarden , zittingsplaats Leeuwarden , gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 29 juli 2021 met parketnummer 18-750016-20 in de strafzaak tegen
[verdachte ] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1985,
in detentie verblijvende in de P.I. [locatie P.I.] .
Het hoger beroep
De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 23 juni 2022, 21 juli 2022, 15 mei 2023, 22 mei 2023, 12 juni 2023, 26 januari 2024,
9 februari 2024, 30 januari 2025, 6 februari 2025, 27 maart 2025 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal strekkende tot:
veroordeling ter zake van de feiten 1, 2, 3 (onderdelen [betrokkene 7] , [plaats] , pseudokoop 1, [plaats] en pseudokoop 2), 4 (onderdelen [betrokkene 7] , [plaats] , pseudokoop 1), 5, 6, 7, 8, 9 en 10 tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 jaren, met aftrek van het voorarrest;
beslissen over het beslag conform het vonnis van de rechtbank;
toewijzing (hoofdelijk) van de vordering van de benadeelde partij [aangever 1] tot een bedrag van € 1.500,00, met wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel en niet-ontvankelijkverklaring in het meer gevorderde;
toewijzing (hoofdelijk) van de gehele vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij] en [benadeelde partij] (€ 59.617,17), met wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [aangever 7] in haar vordering.
Het hof heeft verder kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman,
mr. C.W. Flokstra, naar voren is gebracht.
Het vonnis waarvan beroep
De rechtbank heeft verdachte veroordeeld ter zake de feiten 1, 2, 3 (onderdelen [betrokkene 7] , [plaats] , pseudokoop 1, [plaats] en pseudokoop 2), 4 (onderdelen [betrokkene 7] , [plaats] , pseudokoop 1), 5, 6, 7, 8, 9 en 10 tot een gevangenisstraf voor de duur van
11 jaren, met aftrek van het voorarrest. De rechtbank heeft beslissingen genomen over de inbeslaggenomen zaken. De vordering van de benadeelde partij [aangever 1] is door de rechtbank tot een bedrag van € 1.500,00 hoofdelijk toegewezen, met wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. In het meer gevorderde is deze benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard en verwezen naar de burgerlijke rechter. De vordering van de [benadeelde partij] en [benadeelde partij] is geheel en hoofdelijk toegewezen (€ 59.617,17) met wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De benadeelde partijen [medeverdachte R.H.] en [aangever 7] zijn niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen, met verwijzing naar de burgerlijke rechter.
Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen, omdat het tot andere bewijsbeslissingen komt en daarom opnieuw rechtdoen.
De tenlastelegging
Aan verdachte is -na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg- tenlastegelegd dat:
feit 1. hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 juni 2018 tot en met
27 februari 2020 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, en/of heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten medeverdachte(n) [medeverdachte J.J.] en/of [medeverdachte M.K.] en/of [medeverdachte H.P.] en/of [medeverdachte J.B.] en/of [medeverdachte M.M.] en/of [medeverdachte D.Z.] en/of [medeverdachte R.H.] en/of [medeverdachte R.G.] en/of [medeverdachte M.H.] en/of [medeverdachte G.S.] en/of [medeverdachte M.V.] en/of [medeverdachte L.Z.] en/of een of meer andere personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk telkens het plegen van - internationale wapenhandel, als bedoeld in artikel 14, lid 1 van de Wet wapens en munitie, namelijk het zonder consent doen binnenkomen of doen uitgaan van diverse wapens en/of munitie van categorie II en/of III van en/of naar het buitenland, en/of - wapenhandel, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, en/of artikel 31, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, waarbij de wapenhandel onder andere bestond uit het zonder erkenning vervaardigen en/of transformeren en/of in de uitoefening van een bedrijf uitwisselen en/of verhuren en/of (anderszins) ter beschikking stellen en/of herstellen en/of beproeven en/of verhandelen en/of van overdragen van diverse wapens en/of munitie van categorie II en/of categorie III, en/of
- wapenbezit, als bedoeld in artikel 13, eerste lid, en/of artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, namelijk het voorhanden hebben van wapens en/of munitie van categorie I en/of categorie II en/of categorie III, en/of - fraude, als bedoeld in artikel 225 en/of artikel 321 en/of artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht, namelijk valsheid in geschrifte en/of verduistering en/of oplichting, en/of - geweldsdelicten, als bedoeld in artikel 285 en/of artikel 300 van het Wetboek van Strafrecht, namelijk bedreiging met (dodelijk) geweld en/of mishandeling(en), en/of - mensenhandel, als bedoeld in artikel 273f van Wetboek van Strafrecht, namelijk (arbeids)uitbuiting,
terwijl hij, verdachte, leider en/of oprichter en/of bestuurder van voormelde organisatie is/was/is geweest;
feit 2. hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 3 september 2018 tot en met 27 februari 2020 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, en/of te [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Kroatië, en/of te [plaats] althans (elders) in Servië, en/of te Bosnië en/of te Duitsland, en/of te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in België, en/of tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, zonder erkenning een of meer wapen(s) van categorie II en/of categorie III en/of munitie van categorie II en/of III heeft/hebben doen binnenkomen uit Kroatië en/of Servië en/of Bosnië en/of Duitsland, in elk geval uit het buitenland, te weten (onder meer en/of in ieder geval), ( [plaats] ) - (in totaal) 29, althans 28, althans een of meer handgranaten, en/of
- een groen blok bevattende 500 gram van de zwaar explosieve stof TNT, en/of - een of meerdere (automatische) (vuur)wapen(s), en/of (Kroatië en/of Servië en/of Bosnië en/of Duitsland) - een of meer handgranaten, en/of - een of meer explosief/explosieven, en/of - een of meer (automatische) (vuur)wapen(s), en/of zonder erkenning een of meer wapen(s) van categorie II en/of categorie III en/of munitie van categorie II en/of III heeft/hebben doen uitgaan naar België, in elk geval naar het buitenland, te weten (onder meer en/of in ieder geval) ( [plaats] ) - twee, althans een of meer automatische vuurwapen(s), en/of - een (anti-tank) raketwerper, en/of - twee, althans een of meer ontstekers met bijbehorende TPU, en/of - een hoeveelheid explosief materiaal (pentriet), en/of - meer dan honderd, althans een of meer patro(o)n(en)/munitie, en/of ( [plaats] ) - acht, althans een of meer handgra(a)nat(en), en/of - vier, althans een of meer vuurwapen(s) (met munitie en/of laders), en/of - zes, althans een of meer dynamietstaven, en/of - twee, althans een of meer gsm-toestellen met connectoren ten behoeve van ontstekers, en/of ( [plaats] , [straat] ) - een pistool ( Beretta , met munitie), en/of ( [plaats] , [straat] ) - een explosief en/of explosieven, althans springstof, en/of voorzien van een of meer ontsteker(s) met bijbehorende TPU;
feit 3. hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 3 september 2018 tot en met 27 februari 2020 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal,
zonder erkenning een of meer wapen(s) van categorie II en/of categorie III en/of munitie van categorie II en/of III, te weten (onder meer)
1 in of omstreeks de periode van 1 oktober 2018 tot en met 30 november 2018 een of meer vuurwapen(s) van categorie II en/of categorie III en/of munitie van categorie II en/of III (levering [naam] , AH- 23 -01), en/of
2 in of omstreeks de periode van 16 maart 2019 tot en met 17 maart 2019 een (vuur)wapen van categorie III, namelijk een semi-automatisch kogelgeweer van het merk Marlin , 9 mm , met een bijpassend patroonmagazijn (levering [betrokkene 7] , AH-011), en/of
3 in of omstreeks de periode van 1 mei 2019 tot en met 1 juni 2019 een explosief en/of explosieven van categorie II, althans springstof en/of een ontsteker met Samsung telefoon, zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken door vuur of door middel van ontploffing (explosief [plaats] , AH-058-01), en/of
4 op of omstreeks 20 januari 2020 een (vuur)wapen van categorie III, namelijk een lange afstand precisiewapen/vuurwapen/geweer, van het merk Steyr-Mannlicher , Elite, kaliber .308 win (inclusief bijbehorend patroonmagazijn en zijnde een wapen dat Schengen gesignaleerd is als gestolen), en/of munitie van categorie III, namelijk 44 patronen behorend bij voornoemd wapen van het merk Sellier & Bellot en/of FMJ , kaliber .308 win (pseudokoop 20 januari 2020, AH-126-01)), en/of
5 op of omstreeks 24 februari 2020 een of meer (vuur)wapen(s) van categorie II en/of III, te weten een Uzi-pistoolmitrailleur en/of een Tokarev TT33 (aankoop [plaats] , AH-114-01), en/of
6 op of omstreeks 27 februari 2020 een (automatisch) (vuur)wapen van categorie II, namelijk een randvuur machinepistool Gorenje , MGV-176 (met bijbehorende en werkende geluiddemper en/of een 161-schots patroonmagazijn (trommelmagazijn)), kaliber .22 LR , en/of een (vuur)wapen van categorie II, namelijk een aanvalsgeweer Norinco , 56-1, kaliber 7, 62x39 , dat geschikt is om automatisch te vuren (en/of voorzien van een 30-schots patroonmagazijn van hetzelfde merk), en/of munitie van categorie III, namelijk een knalpatroon van het merk Geco , kaliber 9mm PA Blanc en/of een huls van het merk Igman , kaliber 9x19 mm (pseudokoop 27 februari 2020, AH-126-01),
heeft/hebben vervaardigd en/of getransformeerd en/of in de uitoefening van een bedrijf heeft/hebben uitgewisseld en/of verhuurd en/of anderzins ter beschikking heeft/hebben gesteld en/of heeft/hebben hersteld en/of heeft/hebben beproefd en/of heeft/hebben verhandeld, van welk feit verdachte (al dan niet) een beroep of gewoonte heeft gemaakt;
feit 4. hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 3 september 2018 tot en met 27 februari 2020 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, een of meer wapen(s) van categorie II en/of categorie III en/of munitie van categorie II en/of III, te weten (onder meer)
1 in of omstreeks de periode van 1 oktober 2018 tot en met 30 november 2018 een of meer vuurwapen(s) van categorie II en/of categorie III en/of munitie van categorie II en/of III (levering [naam] , AH- 23 -01), en/of
2 in of omstreeks de periode van 16 maart 2019 tot en met 17 maart 2019 een (vuur)wapen van categorie III, namelijk een semi-automatisch kogelgeweer van het merk Marlin , 9 mm , met een bijpassend patroonmagazijn (levering [betrokkene 7] , AH-011), en/of
3 in of omstreeks de periode van 1 mei 2019 tot en met 1 juni 2019 een explosief en/of explosieven van categorie II, althans springstof en/of een ontsteker met Samsung telefoon, zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken door vuur of door middel van ontploffing (explosief [plaats] , AH-058-01), en/of
4 op of omstreeks 20 januari 2020 een (vuur)wapen van categorie III, namelijk een lange afstand precisiewapen/vuurwapen/geweer, van het merk Steyr-Mannlicher , Elite, kaliber .308 win (inclusief bijbehorend patroonmagazijn en zijnde een wapen dat Schengen gesignaleerd is als gestolen), en/of munitie van categorie III, namelijk 44 patronen behorend bij voornoemd wapen van het merk Sellier & Bellot en/of FMJ , kaliber .308 win (pseudokoop 20 januari 2020, AH-126-01)), en/of
5 op of omstreeks 27 februari 2020 een (automatisch) (vuur)wapen van categorie II, namelijk een randvuur machinepistool Gorenje , MGV-176 (met bijbehorende en werkende geluiddemper en/of een 161-schots patroonmagazijn (trommelmagazijn)), kaliber .22 LR , en/of een (vuur)wapen van categorie II, namelijk een aanvalsgeweer Norinco , 56-1, kaliber 7, 62x39 , dat geschikt is om automatisch te vuren (en/of voorzien van een 30-schots patroonmagazijn van hetzelfde merk), en/of munitie van categorie III, namelijk een knalpatroon van het merk Geco , kaliber 9mm PA Blanc en/of een huls van het merk Igman , kaliber 9x19 mm (pseudokoop 27 februari 2020, AH-126-01),
heeft/hebben overgedragen, van welk feit verdachte (al dan niet) een beroep of gewoonte heeft gemaakt;
feit 5. hij op of omstreeks 27 februari 2020 te [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, een of meer wapen(s) van categorie II en/of categorie III en/of munitie van categorie II en/of III, te weten (onder meer) (Opel combo) - een vuurwapen (pistool) van categorie III, merk onbekend, kaliber 7,62x55 tokarev (met bijbehorend/bijpassend patroonmagazijn), en/of - een vuurwapen (pistool) van categorie III, merk Zoraki , 917-T, kaliber .380 acp (met bijbehorend/bijpassend patroonmagazijn), en/of - twee, althans een, vuurwapen(s) (aanvalsgewe(e)r(en)) van categorie II, merk Zastava , M70 AB2, kaliber 7,62x39 mm (met een (1) bijbehorend patroonmagazijn, 30 schots), en/of - een vuurwapen(onderdeel) patroonmagazijn van categorie III, geschikt voor alle aanvalsgeweren van het merk Zastava , en/of - vier, althans een of meer, centraalvuur kogelpatronen van categorie III, en/of (pseudokoop 27 februari 2020) - een (automatisch) (vuur)wapen van categorie II, namelijk een randvuur machinepistool Gorenje , MGV-176 (met bijbehorende en werkende geluiddemper en/of een 161-schots patroonmagazijn (trommelmagazijn)), kaliber .22 LR , en/of - een (vuur)wapen van categorie II, namelijk een aanvalsgeweer Norinco , 56-1, kaliber 7, 62x39 , dat geschikt is om automatisch te vuren (en/of voorzien van een 30-schots patroonmagazijn van hetzelfde merk), en/of - munitie van categorie III, namelijk een knalpatroon van het merk Geco , kaliber 9mm PA Blanc en/of een huls van het merk Igman , kaliber 9x19 mm (pseudokoop 27 februari 2020), en/of ( [straat] ) - een doorgeladen vuurwapen van categorie III, merk Zastava , M57 , kaliber 7.62x55 TT en/of met bijbehorende patroonhouder/patroonmagazijn en gevuld met 7 kogelpatronen, en/of - een vuurwapen (pistool) van categorie II (zelfgebouwd), kaliber .22 , en/of - een vuurwapenonderdeel, patroonmagazijn van categorie III voor een pistool van het merk Tokarev , model TT33 , en/of - een vuurwapen (gaspistool) van categorie III, merk Rohm , RG3 , 6mm flobert , en/of munitie van categorie II of III, en/of - 210 kogelpatronen van diverse kalibers, zijnde allen munitie van categorie III, voorhanden heeft/hebben gehad;
feit 6. hij op of omstreeks 20 augustus 2018 te [plaats] , althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [aangever 1] heeft mishandeld door hem op het hoofd en/of tegen het been, althans op of tegen het lichaam, te slaan en/of stompen en/of schoppen; en/of hij op of omstreeks 20 augustus 2018 te [plaats] , althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [aangever 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, en/of met zware mishandeling, door op die [aangever 1] een (doorgeladen) (vuur)wapen te richten en /of die [aangever 1] meermalen, althans eenmaal, dreigend de woorden toe te voegen "luister, ik maak je dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
feit 7. primair hij op of omstreeks 19 oktober 2018 te [plaats] , althans (elders) in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk [aangever 6] van het leven te beroven, met dat opzet, een grote bijl met houten handvat door het voorraam van de woning van die [aangever 6] te gooien, terwijl die [aangever 6] achter, althans nabij, dat raam op de bank in de woonkamer van zijn woning lag, voor dat voorraam, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
subsidiair hij op of omstreeks 19 oktober 2018 te [plaats] , althans (elders) in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [aangever 6] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, een grote bijl met houten handvat door het voorraam van de woning van die [aangever 6] te gooien, terwijl die [aangever 6] achter, althans nabij, dat raam op de bank in de woonkamer van zijn woning lag, voor dat voorraam, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
meer subsidiair hij op of omstreeks 19 oktober 2018 te [plaats] , althans (elders) in Nederland, [aangever 6] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, en/of met zware mishandeling, door een grote bijl met houten handvat door het voorraam van de woning van die [aangever 6] te gooien, terwijl die [aangever 6] achter, althans nabij, dat raam op de bank in de woonkamer van zijn woning lag, voor dat voorraam;
feit 8. hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 juni 2018 tot en met 27 februari 2020 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, een of meer perso(o)n(en), te weten, -20 rekeninghouders en/of de [benadeelde partij] ((in totaal) 88.012,95 euro, althans (een debetstand van) 48.248,96 euro), en/of -5 rekeninghouders en/of de [benadeelde partij] bank ((in totaal) 3.699,80 euro en/of 11.907,63 euro, althans (een debetstand van) 3.500,00 euro en/of 8.480,00 euro), heeft bewogen tot de afgifte van voornoemde geldbedragen, althans enig geldbedrag, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld door
op naam van [medeverdachte L.Z.] en/of [medeverdachte R.H.] een zakelijke rekening af te (laten) sluiten, en/of
met de klantenservice van de [benadeelde partij] en/of [benadeelde partij] een incassocontract af te (laten) sluiten, en/of
valse incassobatches bij die bank aan te (laten) leveren waarbij voornoemde bedragen is/zijn/worden geïncasseerd bij verschillende rekeninghouders die geen klant waren bij die [medeverdachte L.Z.] en/of [medeverdachte R.H.] , althans die [medeverdachte L.Z.] en/of [medeverdachte R.H.] geen geld verschuldigd waren, en/of
van dat geïncasseerde geld meerdere contante geldopnames gedaan en/of bitcoins aangekocht, en/of
aldus een ongeoorloofd debet veroorzaakt op die zakelijke rekening, omdat de onterecht geïncasseerde rekeninghouders de incasso hebben laten storneren en/of terugboeken, en/of
dit tekort niet aan te (laten) zuiveren, en/of
- zich onbereikbaar te houden voor de [benadeelde partij] en/of de [benadeelde partij] bank ;
feit 9. hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 juni 2018 tot en met
12 augustus 2019 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, en/of tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen, A. (sub 1°) een ander, te weten [medeverdachte L.Z.] , (telkens) door dwang, geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) of door dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en), door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die [medeverdachte L.Z.] had, heeft/hebben geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen, met het oogmerk van uitbuiting van die [medeverdachte L.Z.] (sub 1°), en/of B. (sub 4°) een ander, te weten die [medeverdachte L.Z.] , met een of meer van de onder a. genoemde middelen, heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder die omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die [medeverdachte L.Z.] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (sub 4°), en/of C. (sub 6°) (telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [medeverdachte L.Z.] (sub 6°), immers heeft/is verdachte tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen,
die [medeverdachte L.Z.] voorgehouden dat hij een bedrijf op naam kon zetten, om aldus de bank op te lichten, en/of
die [medeverdachte L.Z.] voorgehouden dat hij daarmee geld kon verdienen, en/of
dat het geld dat verdiend zou worden met de oplichting verdeeld zou worden, en/of
die [medeverdachte L.Z.] , meermalen, althans eenmaal, geïntimideerd, en/of
die [medeverdachte L.Z.] , meermalen, althans eenmaal, gekleineerd door die [medeverdachte L.Z.] ezel en/of mongool te noemen, en/of
die [medeverdachte L.Z.] meermalen, althans eenmaal, geslagen met vlakke hand, en/of
die [medeverdachte L.Z.] meermalen, althans eenmaal, gestompt/geslagen in de ribben en/of op de rug en/of op het hoofd (ten gevolge waarvan die [medeverdachte L.Z.] een klaplong heeft opgelopen), en/of
die [medeverdachte L.Z.] meermalen, althans eenmaal, met een (dikke ijzeren) schoenlepel, althans een voorwerp, geslagen op zijn handen, en/of
die [medeverdachte L.Z.] , veelvuldig, althans meermalen, althans eenmaal, beschoten met een “BB-gun” en/of balletjespistool en/of airsoft-wapen (ten gevolge waarvan die [medeverdachte L.Z.] verwondingen heeft opgelopen), en/of
gedreigd met het ‘bezoeken van’ en/of ‘praten met’ die moeder van die [medeverdachte L.Z.] , en/of
aan die [medeverdachte L.Z.] onderdak verschaft, en/of
die [medeverdachte L.Z.] dagelijks 14 tot 16 uren aanwezig laten zijn in verdachtes woning aan het [straat] , en/of
die [medeverdachte L.Z.] dagelijks huishoudelijke taken uit te laten voeren in en rondom verdachtes woning aan het [straat] , zoals ‘poepscheppen’ (van de dieren) en/of blaadjes harken en/of schoonmaken en/of afwassen en/of koken, en/of
die [medeverdachte L.Z.] dagelijks, althans meermalen, heeft gedwongen te zorgen voor inkomsten uit oplichting van banken en bedrijven, althans (overige) fraude, en/of
die [medeverdachte L.Z.] een (onverzekerde) auto op naam te laten hebben,
terwijl die [medeverdachte L.Z.] kampte met dakloosheid en/of veelvuldig alcoholgebruik en/of drugsgebruik en/of een lage intelligentie, en zich aldus in een kwetsbare positie bevond, en/of in welke afhankelijkheidssituatie die [medeverdachte L.Z.] zich telkens niet kon en/of durfde te verzetten en/of onttrekken tegen/aan die uitbuiging door verdachte en/of zijn medeverdachte(n); feit 10. hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 11 oktober 2018 tot en met 5 november 2019 te [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] , althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen, A. (sub 1°) een ander, te weten [medeverdachte R.H.] , (telkens) door dwang, geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) of door dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en), door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die [medeverdachte L.Z.] had, heeft/hebben geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen, met het oogmerk van uitbuiting van die [medeverdachte R.H.] (sub 1°), en/of B. (sub 4°) een ander, te weten die [medeverdachte R.H.] , met een of meer van de onder a. genoemde middelen, heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder die omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die [medeverdachte R.H.] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (sub 4°), en/of C. (sub 6°) (telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [medeverdachte R.H.] (sub 6°), immers heeft/is verdachte tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen,
aan die [medeverdachte R.H.] onderdak verschaft, en/of
die [medeverdachte R.H.] een bedrijf op naam te laten nemen, en/of
dat bedrijf te gebruiken voor het afsluiten van telefoonabonnementen en/of leasen van auto's en/of het verkrijgen van tankpassen en/of het huren van goederen, en/of
die [medeverdachte R.H.] aldus heeft gedwongen te zorgen voor inkomsten uit oplichting van banken en bedrijven, althans (overige) fraude, en/of
die [medeverdachte R.H.] als chauffeur te laten werken, en/of
die [medeverdachte R.H.] huishoudelijke taken uit te laten voeren in en rondom verdachtes woning aan het [straat] , zoals schoonmaken en/of afwassen en/of koken, en/of
die [medeverdachte R.H.] , veelvuldig, althans meermalen, althans eenmaal, beschoten met een ‘BB-gun” en/of balletjespistool en/of airsoft-wapen (ten gevolge waarvan die [medeverdachte R.H.] verwondingen heeft opgelopen op (onder andere) zijn penis), en/of
die [medeverdachte R.H.] meermalen, althans eenmaal, geslagen,
terwijl die [medeverdachte R.H.] kampte met dakloosheid en/of veelvuldig alcoholgebruik en/of drugsgebruik, en zich aldus in een kwetsbare positie bevond, en/of in welke afhankelijkheidssituatie die [medeverdachte R.H.] zich telkens niet kon en/of durfde te verzetten en/of onttrekken tegen/aan die uitbuiging door verdachte en/of zijn medeverdachte(n).
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Overwegingen met betrekking tot het bewijs
Algemeen
Inleiding
De politie Noord-Nederland heeft in verband met verdenkingen van wapenhandel een groot en langdurig onderzoek (onder de naam Ultegra ) verricht in de periode van september 2018 tot en met februari 2020. Tijdens dit onderzoek is de politie ook gestuit op verdenkingen van andere strafbare feiten. Verdachte is één van de personen die in februari 2020 zijn aangehouden naar aanleiding van het onderzoek Ultegra . Verdachte wordt onder meer verweten in de periode van 1 juni 2018 tot en met 27 februari 2020 leiding te hebben gegeven aan een crimineel samenwerkingsverband (CSV) dat het oogmerk had het plegen van (internationale) wapenhandel, wapenbezit, fraude, geweldsdelicten en mensenhandel.
Onderdelen waarvan de verdachte door de rechtbank is vrijgesproken
Met instemming van de advocaat-generaal en de verdediging zijn in hoger beroep de onderdelen van een tenlastegelegd feit waarvan verdachte door de rechtbank is vrijgesproken en die als afzonderlijk feit ten laste gelegd hadden kunnen worden, onbesproken gebleven. Dit betreft het onderdeel ‘levering [naam] ’ in feit 3 en feit 4 en het onderdeel ‘pseudokoop 27 februari 2020’ bij feit 4. Op deze onderdelen wordt daarom in dit arrest ook niet verder ingegaan. Het hof zal verdachte van deze onderdelen vrijspreken.
Uitwerkingen ovc-gesprekken
Het hof merkt op dat de door de rechtbank voor het bewijs gebruikte ovc-gesprekken meerdere keren zijn uitgewerkt (in de fase van hoger beroep door interceptietolken) en dat de verschillende uitwerkingen niet exact woord voor woord overeenkomen. Het hof heeft de uitwerkingen van de politie voor het bewijs gebruikt voor zover deze naar het oordeel van het hof voldoende overeenstemmen met de uitwerkingen van de interceptietolken, mede bezien in het licht van het overige bewijs.
Betrouwbaarheid verklaringen [medeverdachte L.Z.]
Verdachte heeft verklaard dat de verklaringen van [medeverdachte L.Z.] niet betrouwbaar zijn en niet bruikbaar zijn voor het bewijs.
Het hof is anders dan de verdachte van oordeel dat de verklaringen van [medeverdachte L.Z.] wel voldoende betrouwbaar zijn en bezigt deze verklaringen daarom wel voor het bewijs.
Verklaringen dienen met betrekking tot de betrouwbaarheid te worden beoordeeld op consistentie, accuraatheid en volledigheid. Het enkele feit dat in verklaringen op punten tegenstrijdigheden voorkomen, maakt deze verklaringen op zichzelf nog niet ongeloofwaardig en onbruikbaar als bewijsmiddel. Dat kan immers te wijten zijn aan de feilbaarheid van het menselijk geheugen of teweeggebracht onder invloed van emoties of door tijdsverloop. Het gaat om de totale indruk die de verklaringen maken, de wijze waarop zij zijn afgelegd en de steun die zij geven of vinden aan/in ander bewijsmateriaal.
Het hof is van oordeel dat de verklaringen van [medeverdachte L.Z.] voldoende consistent en accuraat zijn. Deze verklaringen vinden ook voldoende steun in het aanwezige overige bewijs zoals bij de betreffende onderdelen door het hof hieronder zullen worden weergegeven. Daaronder is veel objectief bewijs (telefoongegevens, foto’s, camerabeelden en peilbakengegevens). Het hof heeft, waar het gaat om de inhoud van die bewijsmiddelen, geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid daarvan te twijfelen.
Gebruiker van het Telegram-account [naam] (NHT)
Door verbalisanten is gezien dat verdachte bij zijn aanhouding op 27 februari 2020 voor zijn woning iets van zich afgooit, naar later blijkt een iPhone X. Verdachte heeft ter zitting in hoger beroep verklaard dat dit zijn telefoon was.
Deze iPhone is onderzocht door de politie. Uit het onderzoek blijkt dat verdachte deze iPhone heeft gebruikt vanaf 10 oktober 2017 tot aan zijn aanhouding. De geregistreerde eigenaar van de iPhone is: [naam] . Verdachte heeft “ [naam] ” op zijn arm getatoeëerd. De eerste letters van deze tekst vormen het woord [naam] . Een foto van verdachte met deze tatoeage op zijn arm wordt ook in de iPhone aangetroffen.
De Apple ID in de iPhone is [e-mail adres] . Dit is het e-mailadres van het bedrijf van verdachte.
In de iPhone zit een simkaart met telefoonnummer + [nummer] . In de periode van
10 oktober 2018 tot en met 27 maart 2020 is dit nummer getapt. Hieruit blijkt dat verdachte alleengebruiker is van dit nummer. Op het imei-nummer van de iPhone liep ook een tap. Hieruit blijkt dat de iPhone enkel in gebruik is in combinatie met het telefoonnummer + [nummer] . Op het Whatsapp-profiel van het telefoonnummer + [nummer] wordt bij de info de tekst [naam] vermeld en de naam: ‘ [verdachte ] Het Beest ’ met een profielfoto van verdachte met een wapen in zijn hand. Verder wordt er op de iPhone onder andere het Telegram-account ' [naam] ' (NHT) aangetroffen. NHT chat veelvuldig over wapens. Het Telegram-account NHT heeft dezelfde profielfoto als het Whatsapp-account, maar bij het Telegram-account zijn de tatoeages en het gezicht weggekrast.
Gelet op het voorgaande stelt het hof vast dat verdachte de gebruiker is van het Telegram-account NHT.
Feit 2 -internationale wapenhandel
Invoer wapens uit Kroatië
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van de invoer van 29 handgranaten, een blok van 500 gram TNT en (automatische) vuurwapens vanuit Kroatië. De advocaat-generaal geeft aan dat de betrokkenheid van de verdachte blijkt uit het bewijs:
dat verdachte zorgde voor de financiering van de wapens en explosieven;
dat verdachte bij het verwerven van de wapens en explosieven intensief contact hield met medeverdachte [medeverdachte J.J.] op het moment dat [medeverdachte J.J.] in Kroatië was om die wapens en explosieven te kopen;
dat de in Kroatië aangekochte wapens en explosieven in Nederland rechtstreeks naar de woning van de verdachte zijn gebracht.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit van dit feit. Uit de bewijsmiddelen kan niet volgen door wie en op welke wijze de wapens en explosieven vanuit Kroatië naar Nederland zijn gekomen. Uitgaande van de hypothese dat de medeverdachten [medeverdachte M.V.] en [medeverdachte J.J.] de wapens en explosieven vanaf 6 oktober 2018 hebben meegenomen naar Nederland, kan niet worden vastgesteld dat de betalingen van de medeverdachte [medeverdachte L.Z.] (aan [medeverdachte M.V.] en [medeverdachte J.J.] ) zijn aangewend voor de aankoop van die wapens en explosieven. Niemand verklaart hierover. [medeverdachte L.Z.] verklaart wel in die periode in opdracht van verdachte geld te hebben overgemaakt, maar hij heeft er geen concrete herinnering aan, laat staan met welk doel hij dit heeft gedaan. Bovendien lijkt de hoogte van de bedragen ook niet te passen bij de aanschaf van 29 handgranaten, een blok van 500 gram TNT en een onbekend aantal (automatische) vuurwapens. Dan zou er te weinig zijn betaald.
De tweede reis naar Kroatië (ná de invoer van de 29 handgranaten, het blok van 500 gram TNT en (automatische) vuurwapens), waar verdachte bij was, levert geen bewijs op voor de vaststelling van de feiten van de eerdere reis en kan niet bijdragen aan de beantwoording van de vraag of verdachte als opdrachtgever en/of financier betrokken was bij de vermeende invoer bij de eerdere reis.
Verdachte heeft steeds ontkend dat hij als medepleger betrokken was bij de invoer van wapens en explosieven uit Kroatië. Hij heeft ter zitting van het hof verklaard dat zijn telefoon vol met foto's van wapens en explosieven staat, omdat hij wapens en explosieven mooi vindt. Het kan wel kloppen dat er foto's op staan van wapens en explosieven die uit Kroatië komen. Deze foto's waren aan hem doorgestuurd door medeverdachte [medeverdachte M.V.] die weet dat hij een wapenliefhebber is. Deze wapens en explosieven zijn later op 8 oktober 2018 door [medeverdachte M.V.] aan hem getoond in zijn (verdachtes) woning in [plaats] . Verdachte verklaart dat hij er toen zelf foto's van heeft gemaakt, omdat hij ze mooi vond. Als hij bij de invoer betrokken was geweest, dan had hij nooit foto's van die wapens en explosieven op zijn telefoon bewaard. De verklaring van medeverdachte [medeverdachte L.Z.] dat hij (verdachte) opdracht zou hebben gegeven om geld over te maken naar [medeverdachte M.V.] en/of [medeverdachte J.J.] in Kroatië, klopt niet. Hij heeft er niets mee te maken, aldus verdachte.
Oordeel van het hof
Het hof stelt voorop dat de betrokkenheid aan een strafbaar feit als medeplegen kan worden bewezenverklaard indien is komen vast te staan dat bij het begaan daarvan sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking.
Op grond van de voorhanden zijnde bewijsmiddelen kan wel worden vastgesteld dat er wapens en explosieven vanuit Kroatië zijn ingevoerd, maar niet dat verdachte hier als medepleger bij betrokken was.
Medeverdachte [medeverdachte L.Z.] heeft destijds geld overgemaakt naar medeverdachten [medeverdachte M.V.] en [medeverdachte J.J.] in Kroatië. Er is echter onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat de door [medeverdachte L.Z.] gedane betalingen aan [medeverdachte M.V.] en [medeverdachte J.J.] voor de betreffende wapens en explosieven bestemd waren. [medeverdachte L.Z.] verklaart hier niets over en ander bewijs is er ook niet.
Uit de voorhanden zijnde bewijsmiddelen blijkt dat er foto's van de uit Kroatië afkomstige wapens en explosieven in de telefoon van verdachte staan. Het is op de foto's die op
8 oktober 2018 zijn gemaakt zichtbaar dat deze wapens en explosieven dan in de woning van verdachte zijn. Verdachte ontkent dit ook niet en verklaart zelf ook een aantal van die foto's te hebben gemaakt. Het feit dat verdachte deze foto's op zijn telefoon had, dat (een deel van) deze wapens en explosieven op 8 oktober 2018 in zijn woning in [plaats] uitgestald waren en het feit dat hij contact had met de medeverdachten [medeverdachte M.V.] en [medeverdachte J.J.] , is naar het oordeel van het hof onvoldoende om te concluderen dat verdachte de opdrachtgever en/of financier was voor de invoer van deze wapens en explosieven. Daarom komt het hof tot vrijspraak van dit onderdeel van de tenlastelegging.
Uitvoer van wapens en munitie naar België
Onderdeel [plaats]
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van de uitvoer van twee ontstekers met bijbehorende TPU naar [plaats] in België.
Op initiatief van de verdachte zijn deze zaken gemaakt door medeverdachte [medeverdachte H.P.] en deze zijn vervolgens op 13 januari 2020 aangetroffen in [plaats] (België) in de garage van de [straat] . Medeverdachte [medeverdachte J.J.] is in de daaraan voorafgaande periode regelmatig naar België gereden, waarbij ook door hem stil is gestaan bij de woningen aan de [straat] in [plaats] . Hieruit volgt dat er voldoende bewijs is dat er (mede) in opdracht van de verdachte is gehandeld en dat verdachte deze uitvoer heeft gefaciliteerd.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit van dit onderdeel van de tenlastelegging. Verdachte ontkent enige betrokkenheid bij dit feit. Er is geen enkel bewijs dat verdachte betrokken is geweest bij de uitvoer van de twee ontstekers met bijbehorende TPU naar [plaats] in België.
Oordeel van het hof
Op grond van de voorhanden zijnde bewijsmiddelen kan worden vastgesteld dat verdachte in of rond de zomerperiode van 2019 aan medeverdachte [medeverdachte H.P.] heeft gevraagd om ontstekers met bijbehorende TPU te maken. [medeverdachte H.P.] heeft deze vervolgens ook gemaakt. Op 13 januari 2020 worden in [plaats] in België twee ontstekers met bijbehorende TPU aangetroffen. [medeverdachte H.P.] herkent deze ontstekers en TPU als de ontstekers en TPU die hij op verzoek van verdachte gemaakt heeft.
Ook kan worden vastgesteld dat medeverdachte [medeverdachte J.J.] , al dan niet samen met een ander, vanaf eind 2018 regelmatig naar België is gereden, waarbij hij op 30 december 2018 de woning aan de [straat] te [plaats] heeft bezocht. Het bezoek van [medeverdachte J.J.] aan de [straat] ligt dus vóór het tijdstip waarop [medeverdachte H.P.] de betreffende ontstekers met TPU heeft gemaakt.
Niet vastgesteld kan worden hoe en wanneer en door wie deze ontstekers met TPU in België terecht zijn gekomen.
Wat betreft de betrokkenheid van verdachte hierbij kan slechts worden geconcludeerd dat verdachte aan [medeverdachte H.P.] heeft gevraagd om deze ontstekers met TPU te maken. Dit is onvoldoende om tot een bewezenverklaring van medeplegen van uitvoer van deze zaken naar België te komen. Het hof zal verdachte daarom van dit onderdeel van de tenlastelegging vrijspreken.
onderdeel [plaats]
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van de uitvoer naar [plaats] (België) van acht handgranaten, vier vuurwapens, zes dynamietstaven en twee gsm-toestellen met connectoren voor ontstekers.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit van dit onderdeel van de tenlastelegging. Er is onvoldoende bewijs dat de betreffende goederen door verdachte en/of de medeverdachten naar België zijn uitgevoerd. Ook is er geen bewijs dat verdachte de opdrachtgever is geweest van deze uitvoer.
Oordeel van het hof
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte medepleger is geweest bij de uitvoer naar België van de in [plaats] aangetroffen acht handgranaten, vier vuurwapens, zes dynamietstaven en twee gsm-toestellen met connectoren voor ontstekers.
Het hof baseert dit op het volgende.
Op 20 april 2019 krijgt de Belgische politie de melding dat [betrokkene 3] , wonend aan de [straat] te [plaats] (België), een kogel door haar voet heeft gekregen. Zij is de vriendin van [betrokkene 6] , wonend aan de [straat] te [plaats] . Haar woning in [plaats] is doorzocht door de politie.
Het volgende wordt onder meer aangetroffen.
- handgranaten
In een reiskoffer treft de politie een plastic tas aan van de [supermarkt ] met daarin vijf handgranaten in groene granaatkokers. De politie heeft deze handgranaten vergeleken met foto's van handgranaten op de iPhone X van verdachte. De foto's, gemaakt op 8 oktober 2018 in [plaats] , vertonen overeenkomsten met de in [plaats] aangetroffen handgranaten, namelijk: - 1 M50 handgranaat: De combinatie lichaamsnummer en veiligheidsbeugelnummer is dezelfde als de nummers die zichtbaar zijn op de foto van de granaat aangetroffen op het telefoontoestel van verdachte. Qua verdere uiterlijke kenmerken zijn er ook overeenkomsten: egaal/geen beschadigingen waarneembaar. - 4 stuks M75 handgranaat: De veiligheidsbeugelnummers komen met elkaar overeen, de granaten zijn verpakt in granaatkokers.
Er is ook onderzoek gedaan naar de plastic tas van de [supermarkt ] waarin de handgranaten zaten. De opdruk "95 jaar" correspondeert met het jubileum van de [supermarkt ] op 16 januari 2018. In de iPhone X van verdachte is een foto aangetroffen waarop hij te zien is met twee handgranaten in zijn handen. Op de achtergrond van deze foto is ook een plastic tas met het opschrift "95 jaar" van de [supermarkt ] te zien. [supermarkt ] is alleen in Noord-Nederland gevestigd.
Er is een DNA-match met DNA van medeverdachte [medeverdachte M.V.] en DNA op één van de vijf aangetroffen granaatkokers. Zijn DNA-profiel heeft met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid bijgedragen aan het DNA-sporenprofiel dat werd teruggevonden op de granaatcontainer.
- vuurwapen Er worden wapens gevonden. Eén van de gevonden wapens is een semi-automatisch pistool, Walther P38, kaliber 9mm . Op dit pistool is een DNA-mengprofiel aangetroffen waarvan het DNA van medeverdachte [medeverdachte J.J.] deel uitmaakt.
- explosieven In een slaapkamer is een Action-tas aangetroffen met daarin een Adidas-schoenendoos met daarin zes staven dynamiet van het merk Austrogel G1 . Dit is dezelfde springstof als het explosief dat later (op 1 juni 2019) door de politie in Nederland wordt aangetroffen in [plaats] , waarbij DNA-sporen van de medeverdachten [medeverdachte J.J.] , [medeverdachte H.P.] , [medeverdachte L.Z.] en [medeverdachte R.H.] zijn aangetroffen (zie hieronder bij nationale wapenhandel, feit 3, onderdeel [plaats] ).
- slagpijpjes en gsm-telefoons met connectoren ten behoeve van ontstekers In de Adidas-schoenendoos (zie hierboven bij ‘explosieven’) zit ook een plastic zakje met twee elektrische slagpijpjes. Op de knoop van het plastic zakje is een DNA-spoor aangetroffen. Met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid heeft [medeverdachte J.J.] bijgedragen tot het DNA-sporenprofiel dat is teruggevonden op de knoop van het plastic zakje.
Ook worden er twee gsm-telefoons met bedrading aangetroffen.
[medeverdachte H.P.] verklaart hierover dat verdachte hem heeft gevraagd om een afstandsbediening te maken voor explosieven. Daarvoor waren oude telefoons nodig. In de nacht van 1 op 2 april 2019 hebben mannen, waaronder [medeverdachte J.J.] , [medeverdachte R.H.] en [medeverdachte L.Z.] , hiervoor twee of drie telefoons bij [medeverdachte H.P.] thuis afgeleverd. [medeverdachte H.P.] heeft, na confrontatie met de foto van de slagpijpjes en telefoons die zijn aangetroffen in [plaats] , bekend dat hij deze heeft geprepareerd om een explosief te laten ontploffen. Hij heeft de slagpijpjes gemonteerd en kruit in de slagpijpjes gedaan. De slagpijpjes en de telefoons zijn tegelijk meegenomen.
De GSM-telefoons waren een witte Samsung (IMEI [nummer] ) en een zwarte Samsung (IMEI [nummer] ). Op de witte Samsung zijn DNA-sporen van [medeverdachte J.J.], van [medeverdachte H.P.] en van [medeverdachte L.Z.] aangetroffen. Op de zwarte Samsung zijn DNA-sporen aangetroffen van [medeverdachte J.J.], van [medeverdachte H.P.] en van [medeverdachte R.H.].
De historische gegevens van deze IMEI-nummers zijn gevorderd. Hieruit blijkt dat beide telefoons vrijwel tegelijkertijd op dezelfde locatie van een nieuw telefoonnummer zijn voorzien, te weten op 2 april 2019 omstreeks 03:29 en 03:33 uur, waarbij telkens de mast aan de [straat] te [plaats] werd aangestraald. Deze mast ligt op 200 meter van het adres van [medeverdachte H.P.] . De zwarte Samsung werd tot 2 april 2019 gebruikt voor een simkaart op naam van [medeverdachte R.H.] . Ook andere telefoonnummers op naam van [medeverdachte R.H.] waren ooit geplaatst in deze zwarte Samsung.
De Audi A4 met kenteken [kentekennummer] staat op naam van [bedrijf ] . Dit bedrijf staat op naam van verdachte. In deze auto zijn door de politie ovc-geluidsopnames gemaakt. Ook is deze auto voorzien van een peilbaken. Dit peilbaken is op 16 februari 2019 geactiveerd.
Op 1 april 2019 omstreeks 21:07 uur rijden [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] in de Audi A4 ( [kentekennummer] ) van de woning van verdachte aan het [straat] in [plaats] naar de woning van [medeverdachte H.P.] aan de [straat] te [plaats] . [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] spreken over explosieven en de prijzen ervan. Omstreeks 21:42 uur stoppen zij nabij de woning van [medeverdachte H.P.] . [medeverdachte J.J.] stapt uit en [medeverdachte R.H.] blijft zitten. Omstreeks 22:25 uur stappen [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte A.G.] bij [medeverdachte R.H.] in de auto en rijden zij naar [plaats] . Onderweg bespreken zij dat er drie mobiele telefoons van een ouder type nodig zijn. [medeverdachte J.J.] belt [medeverdachte L.Z.] en geeft hem opdracht een telefoon te regelen. [medeverdachte L.Z.] moet naar [plaats] komen bij het witte huis. [medeverdachte J.J.] herhaalt dat hij de oude Nokia bedoelt zonder camera. [medeverdachte J.J.] vraagt ook of er nog andere oude telefoons thuis zijn. Er is haast bij, want ze hebben de telefoon vannacht al nodig.
Omstreeks 22:58 uur stapt [medeverdachte A.G.] in [plaats] eerst uit en vervolgens weer in; hierna blijkt hij een telefoon met lader te hebben opgehaald. Om 23 :18 uur is de auto weer in de buurt van de woning van [medeverdachte H.P.] . [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte A.G.] stappen uit en [medeverdachte R.H.] zegt: "Zie ik jullie zo weer". [medeverdachte R.H.] rijdt naar [plaats] en komt om 23 :44 uur aan bij restaurant [plaats] . Op 2 april 2019 omstreeks 00:00 uur zijn [medeverdachte R.H.] en [medeverdachte L.Z.] in de auto te horen. Vervolgens rijdt [medeverdachte R.H.] terug naar de woning van [medeverdachte H.P.] . Om 01:15 uur stappen [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte A.G.] weer bij [medeverdachte R.H.] in de auto. [medeverdachte J.J.] spreekt over België en zegt dat [medeverdachte R.H.] niet mee kan. Om 02:00 uur is de auto in [plaats] en arriveert om 02:42 uur weer bij de woning van [medeverdachte H.P.] . [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte A.G.] spreken onderweg af dat zij morgen naar België gaan.
[medeverdachte A.G.] wordt afgezet in [plaats] , waarna [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] terugrijden naar de woning van [medeverdachte H.P.] . Om 04:25 uur stappen [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] weer in de auto. [medeverdachte R.H.] zegt dan: "Ik heb op internet gelezen dat als je een explosief met een telefoon af wil laten gaan, dan moet dat met de trilfunctie".
[medeverdachte H.P.] verklaart over deze nacht van 1 op 2 april 2019 dat dat een omslag voor hem was, omdat het uit de klauwen liep. Hij heeft daarna verdachte gebeld en hem gezegd dat hij het zo niet wilde. Hij wilde niet dat verdachte allemaal mensen bij hem langs stuurde.Die nacht kwamen er vier man bij hem over de vloer en hij was ook flauw van dat gehaast die nacht.
Op 2 april 2019 om 13:51 uur rijden [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] in dezelfde auto van [plaats] naar [plaats] . Van 14:09 tot 15:50 uur staat de auto aan het [straat] . Daarna vertrekken [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] weer. In de auto gaat het gesprek over “een hele rit voor de boeg hebben” en “een rijdende tijdbom”. Er volgt een gesprek tussen [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] over trekkoord-ontstekers, 9-voltsbatterijen en lampjes van 3 volt. Rond 16:05 uur stopt de auto bij [plaats] in [plaats] .
[medeverdachte J.J.] stapt bij [medeverdachte A.G.] in een Ford Focus ( [kentekennummer] ). De Ford Focus passeert op 2 april 2019 om 19:15 uur de Belgische grens bij [plaats] . Deze Ford Focus is vervolgens twee keer vastgelegd in [plaats] . Om 22:29 uur rijdt de Ford Focus Nederland weer in.
Uit de telecom gegevens is gebleken dat het IMEI nummer [nummer] naar België afreist op 2 april 2019. Uit onderzoek is gebleken dat het IMEI nummer toebehoort aan een zogenaamd PGP toestel in gebruik bij [medeverdachte J.J.] . Op 2 april 2019 omstreeks 15:44 uur verlaat het toestel [plaats] en het is op 3 april 2019 omstreeks 02:24:12 uur weer terug.
[betrokkene 6] verklaart dat [betrokkene 3] (in haar woning zijn de wapens aangetroffen) zijn vriendin is. Hij heeft de wapens en explosieven ontvangen en vervolgens in de woning van zijn vriendin bewaard. De Adidas-schoenendoos met inhoud is in [plaats] geleverd en heeft hij daarna naar [plaats] gebracht.
Gelet op de reisbewegingen van de medeverdachten begint en eindigt het hele traject van de in [plaats] aangetroffen goederen bij verdachte op het [straat] . Verdachte stuurde de medeverdachten aan blijkens de verklaringen van [medeverdachte H.P.] .
Het hof stelt op grond van het voorgaande vast dat verdachte nauw en bewust heeft samengewerkt met zijn medeverdachten om een vuurwapen, handgranaten, explosieven, slagpijpjes, ontstekers en gsm-toestellen voor die ontstekers uit te voeren naar België.
onderdeel [straat] , [plaats]
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van de uitvoer van een Beretta pistool met munitie naar [plaats] , [straat] .
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak van dit onderdeel van de tenlastelegging bepleit. Uit het dossier blijkt niet hoe, door wie en wanneer het Beretta pistool in België terecht is gekomen. Er is geen bewijs dat verdachte dit feit heeft medegepleegd.
Oordeel van het hof
Uit het dossier blijkt dat er op 1 augustus 2019 in de woning aan de [straat] in [plaats] in België in de bergruimte een Beretta pistool is aangetroffen. Na onderzoek blijkt dat er op de lader van het pistool een DNA-spoor zit met een DNA-mengprofiel dat met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid matcht met het DNA-profiel van medeverdachte [medeverdachte J.J.] .
[betrokkene 6] heeft in zijn verhoor bij de Belgische politie verklaard dat hij aan de personen die hem hadden gevraagd wapens te bewaren, de sleutel van de bergruimte van de woning aan de [straat] had gegeven.
Uit peilbakengegevens van de Audi A4 (op naam van het bedrijf van verdachte) blijkt dat de Audi A4 op 30 december 2018 en op 3 en 4 januari 2019 heeft stilgestaan nabij de [straat] in [plaats] .
Naar het oordeel van het hof is het voorhanden zijnde bewijs, zoals hiervoor weergegeven, onvoldoende om te concluderen dat verdachte medepleger is geweest van uitvoer van het Beretta pistool naar België. Het hof spreekt de verdachte daarom ook van dit onderdeel van de tenlastelegging vrij.
onderdeel [straat] , [plaats]
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van de uitvoer van explosieven voorzien van ontstekers met bijbehorende tijdschakelaar naar [plaats] , [straat] .
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak van dit onderdeel van de tenlastelegging bepleit. Verdachte ontkent alle betrokkenheid bij dit feit. Er is geen bewijs dat verdachte dit feit heeft medegepleegd.
Oordeel van het hof
Uit de voorhanden zijnde bewijsmiddelen blijkt dat de medeverdachten [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] op 3 juni 2019 bij de woning van verdachte zijn. Een Audi A6 wordt daar onder toeziend oog van verdachte en [medeverdachte J.J.] tot tweemaal toe door [medeverdachte R.H.] (die handschoenen draagt) ingepakt. [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] rijden vervolgens in de Audi A6 vanaf de woning van verdachte, via de [straat] in [plaats] en de woning van medeverdachte [medeverdachte H.P.] in [plaats] , naar [plaats] in België, waar zij in de nacht van 4 juni 2019 aankomen. Op 4 juni 2019 gaan beide mannen naar de [straat] . De Belgische politie luistert het gesprek dat zij daar hebben af. Het gesprek gaat over de werking van een explosief en over een ontsteker met bijbehorende tijdschakelaar. 's Avonds laat zijn [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] weer terug bij de woning van verdachte.
Medeverdachte [medeverdachte H.P.] verklaart later dat, gelet op de inhoud van het gesprek, [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] in [plaats] hebben gesproken over de ontstekers met tijdschakelaars die hij heeft gemaakt.
Naar het oordeel van het hof is het voorhanden zijnde bewijs onvoldoende om te concluderen dat verdachte medepleger is geweest van uitvoer van explosieven voorzien van ontstekers met bijbehorende tijdschakelaar naar de [straat] in [plaats] . Het toekijken bij het inpakken van de Audi A6 is onvoldoende om tot een bewezenverklaring van een nauwe en bewuste samenwerking te komen. Het hof spreekt de verdachte daarom ook van dit onderdeel van de tenlastelegging vrij.
Conclusie feit 2- internationale wapenhandel
Op grond van de inhoud van de bewijsmiddelen zoals hiervoor weergegeven (onderdeel [plaats] , België), is het hof van oordeel dat het door verdachte medeplegen van het onder 2 ten laste gelegde, zonder erkenning doen uitgaan van (vuur)wapens en munitie van de categorie III, wettig en overtuigend is bewezen.
Feiten 3, 4 en 5 – handel, overdragen en voorhanden hebben van wapens in Nederland
Onderdeel [betrokkene 7]
Standpunt advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat dit feit - in de vorm van medeplegen - wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft naar voren gebracht dat verdachte erkent een rol te hebben gespeeld bij dit feit.
Oordeel van het hof
Uit de peilbakengegevens en de ovc-gesprekken met betrekking tot de Audi A4 met kenteken [kentekennummer] blijkt het volgende.
[medeverdachte J.J.] , [medeverdachte L.Z.] en [medeverdachte R.H.] rijden op 16 maart 2019 rond 16.00 uur in de Audi A4
( [kentekennummer] ) naar de woning van verdachte aan het [straat] in [plaats] . Omstreeks 23 .32 uur vertrekt de Audi weer richting [plaats] en stopt daar rond 00.20 uur. Omstreeks 00.32 uur zegt [medeverdachte J.J.] dat de telefoons op vliegtuigstand moeten. [medeverdachte J.J.] zegt: “Het is grappig…we knallen gewoon de 4 kogels hier af en dan rijden we weg.” De Audi is dan aan de [straat] 13 te [plaats] . [medeverdachte J.J.] stapt uit. [medeverdachte R.H.] zegt: “hij zegt ook nog heel mooi…weet je wat grappig is … we schieten gewoon daar achter”. [medeverdachte J.J.] stapt weer in de auto. Omstreeks 00.41 uur zegt [medeverdachte J.J.] dat hij wil schieten. [medeverdachte L.Z.] zegt: “Breng hem gewoon in, hij komt er wel achter, joh. Hij krijgt al een vet koopje he, met zijn -600 van mij.” [medeverdachte L.Z.] vraagt of dat ding echt zo goedkoop is. [medeverdachte J.J.] zegt dat hij er 300 of 400 voor heeft betaald. De Audi vertrekt tijdens dit gesprek. De Audi stopt en [medeverdachte J.J.] stapt uit. [medeverdachte R.H.] zegt: “Ik dacht dat het een pistool was.” [medeverdachte L.Z.] reageert: “Nee, joh … dit is zo’n … ding ja.” De Audi rijdt verder en staat weer stil. [medeverdachte R.H.] zegt: “Ik heb gewoon pistoolkogels, ja”. [medeverdachte L.Z.] zegt dat die hier ook in gaan. [medeverdachte R.H.] bevestigt desgevraagd dat het 9-mm’s zijn. [medeverdachte J.J.] stapt weer in en [medeverdachte L.Z.] vraagt hem: “Deze gun is voor 9 mm , toch?” [medeverdachte J.J.] vraagt waar de kogels zijn. [medeverdachte R.H.] zegt dat hij ze in de handschoen heeft gedaan. Hij heeft er veertien meegenomen. [medeverdachte L.Z.] zegt: “hij moest 24 … hij moest 20 hebben. Dat zei [verdachte ] ”.
De Audi stopt om 01.03 uur aan de [straat] te [plaats] . [medeverdachte J.J.] zegt: “Waar ik stop, stap gelijk allebei eruit … trek hem naar achteren en schiet gewoon de lucht in. (…) Maar ga maar naast op die gras staan.” [medeverdachte R.H.] zegt: “Ja, zodat die hulzen in die gras blijft zitten.” [medeverdachte L.Z.] vraagt: “Je kan hier gewoon twee keer achter elkaar schieten?” [medeverdachte J.J.] zegt: “Schiet maar twee keer”. [medeverdachte R.H.] vraagt: “moet nog wel gevuld worden toch?” Op instructie van [medeverdachte J.J.] wordt dan geschoten. Er zijn twee knallen kort na elkaar te horen. [medeverdachte J.J.] zegt: “snel snel snel!”. Er zijn weer twee knallen te horen. Daarna rijden zij weg.
Om 01.07 uur rijdt de Audi door de [straat] in [plaats] . [medeverdachte L.Z.] zegt: “Volgens mij was het [nummer] ”. [medeverdachte R.H.] vraagt: “Moet hij de rest van de kogels hebben?” [medeverdachte J.J.] bevestigt dat. Om 01.16 uur stopt de Audi A4 op 50 meter afstand van de woning [straat] . [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte L.Z.] stappen uit. Om 01.50 uur zijn [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte L.Z.] terug in de Audi.
Op 20 maart 2019 treedt de politie de woning aan de [straat] te [plaats] binnen om de bewoner [betrokkene 7] aan te houden voor verboden wapenbezit. Bij de doorzoeking van de woning wordt een semi-automatisch kogelgeweer van het merk Marlin , 9 mm , met magazijn aangetroffen. Dit is een vuurwapen van de categorie III.
De politie heeft bij de [straat] in [plaats] , waar de Audi A4 op 17 maart 2019 om 01:03 uur is gestopt, gezocht en heeft daar drie hulzen gevonden. Volgens onderzoek door het NFI is het extreem veel waarschijnlijker dat deze hulzen met het bij [betrokkene 7] aangetroffen kogelgeweer zijn verschoten dan dat deze zijn verschoten met een ander vuurwapen van dit kaliber met dezelfde systeemkenmerken.
De verdachte heeft ter zitting van het hof over dit feit verklaard dat hij een bemiddelende rol heeft gespeeld bij dit feit. Medeverdachte [medeverdachte L.Z.] had een schuld bij [betrokkene 7] . Verdachte heeft bemiddeld tussen hen en geregeld dat [betrokkene 7] als aflossing van de schuld van [medeverdachte L.Z.] een semi-automatisch kogelgeweer van het merk Marlin kreeg met patroonmagazijn en patronen.
Het hof stelt op grond van het voorgaande vast dat verdachte nauw en bewust heeft samengewerkt met medeverdachten om een wapen te verhandelen en af te leveren aan
[betrokkene 7] in de periode van 16 tot en met 17 maart 2019.
Onderdeel [plaats]
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat dit feit - in de vorm van medeplegen- wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte vrijgesproken dient te worden als het hof de verklaring van de verdachte hierover volgt.
De verdachte heeft over dit feit verklaard dat hij wist van de ontmoeting tussen [medeverdachte J.J.] , [medeverdachte R.H.] en [betrokkene 8] te [plaats] op 31 mei 2019, maar dat hij niet wist dat [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] springstof en een ontsteker naar [betrokkene 8] brachten. [medeverdachte J.J.] zou voor hem bitcoins brengen.
Oordeel van het hof
- aantreffen explosief met ontsteker Op 1 juni 2019 omstreeks 00.35 uur wordt op de [straat] te [plaats] een Ford Fiësta ( [kentekennummer] ) gecontroleerd. Bestuurder en kentekenhouder is [betrokkene 8] . Bij onderzoek wordt in het dashboardkastje een zakje aangetroffen, inhoudend een telefoon (Samsung Galaxy S4, IMEI [nummer] ), een 9-volt batterij en een rood/zwarte elektriciteitsdraad met aan één uiteinde een grijs metalen stokje. Dit is volgens het Team Explosieven Verkenning een ontstekingsmiddel voor explosieven. Op de achterbank ligt een Lidl-tas met vier blokken kneedbare springstof van ongeveer 300 gram.
Volgens onderzoek van het NFI zou de telefoon uitsluitend via de jackplug op de schakeling kunnen worden aangesloten. Nu echter de jackplug niet is aangesloten op de rest van de schakeling, kan de telefoon de schakeling niet beïnvloeden. De telefoon kan op deze manier geen rol spelen in de eventuele werking van de schakeling. De aluminium cilinder vertoont overeenkomsten met een slagpijpje, maar functioneert niet als zodanig. De elektronica is niet bruikbaar vanwege een niet-elektrisch verbonden punt A. Punt A is oorspronkelijk verbonden geweest, maar mogelijk losgeraakt. Indien dit klopt, zou dit direct leiden tot ontploffing bij aansluiting van de 9-volt batterij. De cilinder is hoe dan ook niet geschikt om de springstof tot ontploffing te brengen. De schakeling, die zich aan de cilinder bevond, functioneert door een niet elektrisch verbonden punt evenmin. Zou dit punt alsnog elektrisch worden verbonden, dan zal een deugdelijk slagpijpje direct afgaan zodra een 9-volt batterij wordt aangesloten op de schakeling. De circa 0,3 kilogram kneedbare springstof is van het type Austrogel G1 . Deze springstof is niet heel gevoelig en heeft een slagpijpje nodig om het tot ontploffing te brengen.
Er zijn DNA-sporen aangetroffen op het slagpijpje, de stekkertjes en delen van het snoer. Het NFI heeft deze DNA-sporen onderzocht en een match gevonden met het DNA-profiel van [medeverdachte J.J.] . Op de buitenzijde van de pakketjes springstof zijn DNA-sporen aangetroffen. Het NFI heeft deze DNA-sporen onderzocht en een match gevonden met het DNA-profiel van [medeverdachte H.P.] . Voorts zijn DNA-nevenkenmerken aangetroffen van minimaal drie personen, waaronder [medeverdachte L.Z.] en minimaal twee onbekenden. Het is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer de bemonstering DNA zou bevatten van [medeverdachte L.Z.] en een willekeurige onbekende, dan wanneer de bemonstering DNA zou bevatten van twee willekeurige onbekenden. Op de binnenzijden van de doorzichtige folies vindt het NFI een DNA-profiel van minimaal één man, dat afkomstig kan zijn van [medeverdachte L.Z.] . Op de hengsels van de Lidl-tas wordt een DNA-match gevonden met [medeverdachte L.Z.] .
Op de binnen- en buitenkant van de Lidl-tas zijn 14 dactyloscopische sporen vastgelegd. Sporen #D07, #D09, #D11 en #D12 zijn geïndividualiseerd op [medeverdachte R.H.] . Spoor #D05 op de buitenzijde van de tas is mogelijk afkomstig van [betrokkene 9] .
Uit historische verkeersgegevens van de IMEI van de Samsung Galaxy S4 telefoon blijkt dat het telefoonnummer van [medeverdachte G.S.] ( [nummer] ), de vriendin van [medeverdachte J.J.] , van 21 april tot en met 19 mei 2019 in dit toestel zat. Ook blijkt dat telefoonnummer [nummer] op 31 mei 2019 om 00.09 uur contact maakt met het toestel. De telefoon straalt dan een mast aan in [plaats] nabij de woning van [medeverdachte H.P.] . Uit camerabeelden blijkt dat [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] dan bij [medeverdachte H.P.] zijn. Het telefoonnummer [nummer] , in gebruik bij [medeverdachte J.J.] , komt dan qua locatie overeen met de locatie van nummer [nummer] .
- tijdlijn Tussen 30 mei 2019 en 1 juni 2019 zijn de bewegingen van de verdachte en de medeverdachten beschreven aan de hand van peilbakens, tapgesprekken, camerabeelden en historische verkeersgegevens.
Op 30 mei 2019 om 21.57 uur belt [medeverdachte J.J.] met [medeverdachte H.P.] . [medeverdachte H.P.] zegt dat hij de ontstekers aan de gang heeft, alleen dat tijddingetje nog niet dus het wordt sowieso niet vanavond. [medeverdachte J.J.] zegt: “ohoo, nee, we moeten vanavond doen, moeten die kant op. Ik kom zo bij jou en dan verzinnen we wel snel wat anders…” [medeverdachte H.P.] vindt het best. De telefoon van [medeverdachte J.J.] blijft die nacht in de omgeving van [plaats] .
Op 31 mei 2019 om 11.07 uur belt [medeverdachte J.J.] weer met [medeverdachte H.P.] . In dat gesprek vraagt [medeverdachte H.P.] om een lijstje te maken van benodigde elektrische onderdelen om “vijf van die tijd dingen of ietsjes meer van die dingen” te maken. [medeverdachte J.J.] zegt “richting stad ophalen gelijk.” [medeverdachte H.P.] zegt dat hij het zal doorsturen.
Die dag omstreeks 12.00 uur arriveren [medeverdachte J.J.] , [medeverdachte R.H.] en [medeverdachte L.Z.] in de Audi A6
( [kentekennummer] ) bij de woning van verdachte aan het [straat] . Vijf minuten later rijden [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] weer weg. De auto rijdt naar het centrum van [plaats] . De telefoon van [medeverdachte J.J.] blijft in [plaats] , terwijl de auto doorreist. De auto, vermoedelijk enkel bestuurd door [medeverdachte R.H.] , is van 13.35 tot 13.45 in [plaats] . De auto rijdt terug via de [straat] te [plaats] en is om 15.04 uur terug bij de woning van verdachte. Verdachte loopt meerdere keren op en neer naar de oprit.
Om 15.39 uur belt [medeverdachte J.J.] met [medeverdachte R.H.] . [medeverdachte R.H.] zegt dat hij met spoed naar die winkel moet om stekkers te kopen voor [medeverdachte H.P.] . [medeverdachte J.J.] zegt dat hij dat weet en vraagt [medeverdachte R.H.] naar de loods te rijden en hem op de parkeerplek te ontmoeten.
De auto is tussen 16.31 en 16.35 uur weer aan de [straat] . Daarna rijdt de auto via het centrum van [plaats] naar [plaats] . Om 17.46 uur komen [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] bij de woning van [medeverdachte H.P.] aan. Ze gaan de schuur bij die woning binnen.
Om 18.06 uur belt [medeverdachte J.J.] met [medeverdachte G.S.] over een telefoon van type [nummer] die een trilfunctie heeft. Omstreeks 18.30 uur vertrekken [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] weer, terwijl [medeverdachte H.P.] in de deuropening van zijn schuur staat.
Omstreeks 19.04 uur komt de auto aan bij de woning van verdachte. Verdachte loopt direct naar de auto toe. Daarna lopen [medeverdachte R.H.] en verdachte gezamenlijk naar de woning. Verdachte heeft een gele plastic tas in handen. Om 19.47 uur vertrekken [medeverdachte J.J.] , [medeverdachte R.H.] en [medeverdachte L.Z.] in de auto. Omstreeks 20.16 uur komen zij bij [medeverdachte H.P.] aan. Om 20.52 uur belt [medeverdachte G.S.] met [medeverdachte J.J.] om te vragen hoe laat hij thuis is. [medeverdachte J.J.] zegt dat hij [medeverdachte L.Z.] over een kwartier afzet; daarna moet hij naar [plaats] . Op de terugweg uit [plaats] moet hij nog langs [plaats] .
Om 21.01 uur vertrekt de auto vanaf de woning van [medeverdachte H.P.] . Om 21.08 uur stopt de auto bij de verblijfplaats van [medeverdachte G.S.] . [medeverdachte L.Z.] is hier afgezet.
Om 22. 23 uur belt [medeverdachte G.S.] met [medeverdachte J.J.] . [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] zitten samen in de auto en rijden richting [plaats] . Zij arriveren daar om 23 :10 uur. Rond 23 .15 uur gaan zij op de terugreis. [medeverdachte R.H.] wordt op 1 juni 2019 rond 00.13 uur afgezet bij zijn vriendin in [plaats] . De auto arriveert op 1 juni 2019 om 00.36 uur bij de woning van verdachte. [medeverdachte J.J.] loopt naar de woning en komt twintig minuten later met verdachte naar buiten.
- [betrokkene 9] De bestuurder van de Ford Fiësta, [betrokkene 8] , heeft verklaard dat hij bij iemand in [plaats] was geweest. Uit gegevens van één van zijn telefoons blijkt dat slechts één van zijn contacten een relatie heeft met [plaats] , te weten [nummer] op naam van [naam 1] , [straat] te [plaats] . Op dit adres staat ingeschreven: [betrokkene 9] . [betrokkene 8] heeft contact gehad met zijn nummer op 16 mei, 31 mei en 1 juni 2019.
De connectie tussen [betrokkene 9] uit [plaats] en verdachte is [betrokkene 10] . Op 20 januari 2019 is [betrokkene 10] gebeld door [betrokkene 9] (gebruik makend van [nummer] ).
Op 17 mei 2019 omstreeks 16.54 uur zijn [medeverdachte R.H.] , [betrokkene 10] , [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte L.Z.] bij de woning van verdachte aan het [straat] . Om 17.28 uur komen twee mannen aan in een auto op naam van [betrokkene 11] . De twee mannen zijn zeer vermoedelijk [betrokkene 11] en [betrokkene 9] . Om 17.45 uur komt [betrokkene 10] met [betrokkene 9] naar buiten, gevolgd door verdachte.
Op 20 mei 2019 komt [betrokkene 10] aan op het [straat] om 17.37 uur. Omstreeks 18.39 uur arriveert ook de auto op naam van [betrokkene 11] . De twee inzittenden zijn zeer vermoedelijk [betrokkene 11] en [betrokkene 9] . Omstreeks 19.20 uur vertrekken eerst de beide mannen; vervolgens vertrekt [betrokkene 10] ook.
Op 31 mei 2019 om 18.22 uur belt [betrokkene 9] met [betrokkene 10] . [betrokkene 9] zegt dat hij er helemaal klaar mee is, dat de afspraak elke keer wordt verzet en dat hij het geld nooit van tevoren had moeten geven. Hij vraagt [betrokkene 10] om uit te zoeken wat er gaande is, want hij is via [betrokkene 10] bij hen gekomen. Die dag om 18.33 uur belt [betrokkene 10] met [medeverdachte J.J.] . [betrokkene 10] vraagt of [medeverdachte J.J.] om 7 uur kan gaan rijden naar diegene. Diegene wordt ook aldoor gek gebeld door die mensen.
Op 1 juni 2019 om 17.07 uur belt [betrokkene 9] met [betrokkene 10] . [betrokkene 9] klaagt dat zij pas om elf uur zijn gekomen, terwijl zij de hele dag de tijd hadden. Hij had al een slecht voorgevoel. Hij heeft de tas bekeken en aangeraakt. Toen is de ander weggegaan en gelijk boem.
Op 1 juni 2019 om 23 .25 uur belt [betrokkene 9] ook met [medeverdachte J.J.] . [betrokkene 9] zegt dat het fucking shit is, want één zit binnen. [betrokkene 9] zegt ook dat hij die zak heeft aangeraakt.
Op 3 juni 2019 om 19.45 uur belt verdachte met [betrokkene 9] . Verdachte vraagt hoe het gaat. Hij wist van niets en heeft het net gehoord. [betrokkene 9] stelt dat verdachte moet komen, maar verdachte zegt dat hij op de telex staat en thuis moet blijven. Als [betrokkene 9] hem wil zien, moet [betrokkene 9] maar naar verdachte komen. [betrokkene 9] zegt dat dat het nadeel is als je je om kwart voor elf of elf uur gaat bewegen. Dat kan eigenlijk niet. Verdachte zegt dat van tevoren gezegd moet worden dat je niet op dat soort tijden wilt afspreken, want ‘wij rijden 24 uur per dag’.
- verklaringen medeverdachten [medeverdachte R.H.] verklaart dat hij het tasje met explosieven naar [plaats] heeft gereden. Het tasje is overgedragen bij [plaats] in [plaats] . Hij wist dat dit niet ging werken met die ontsteker, omdat de maker, [medeverdachte H.P.] , hem dat voor de overdracht had verteld.
[medeverdachte L.Z.] verklaart dat de in [plaats] aangetroffen telefoon van hem is en dat “we de kopjes van de draadjes hebben gehaald.” [medeverdachte L.Z.] verklaart dat hij de in [plaats] aangetroffen explosieven in handen heeft gehad. De tas lag in de woning van verdachte. [medeverdachte H.P.] werkte in opdracht van verdachte.
[medeverdachte H.P.] heeft verklaard dat hij verdachte al jaren kent en dat verdachte loopjongens had die alles voor hem deden. Het initiatief om voor het eerst naar een wapen te kijken kwam van verdachte. [medeverdachte H.P.] verklaart dat hij meestal naar [plaats] ging nadat verdachte hem appte. Dan vroeg verdachte hem ergens naar te kijken. Ook later bepaalde verdachte via welke app zij contact hadden. [medeverdachte J.J.] kwam bij [medeverdachte H.P.] (illegale) spullen brengen, omdat verdachte niet zo mobiel was. Later appte ook [medeverdachte J.J.] met [medeverdachte H.P.] . Verdachte heeft [medeverdachte H.P.] gevraagd een afstandsbediening te maken. Verdachte had die nodig; het ging om explosieven. [medeverdachte H.P.] verklaart dat hij de explosieven, aangetroffen in [plaats] , heeft gezien. [medeverdachte J.J.] liet hem die zien. Hij heeft in de tas met explosieven gekeken en aan de buitenkant geknepen. [medeverdachte R.H.] was er ook bij. “Ze zeiden dat dit boem deed.” [medeverdachte H.P.] is bezig geweest met de aangetroffen telefoon met draadjes en cilinder. De schakeling werkte niet en dat heeft hij hen ook verteld.
- conclusie
Het hof stelt op grond van het voorgaande vast dat [medeverdachte J.J.] , [medeverdachte R.H.] , [medeverdachte L.Z.] , [medeverdachte H.P.] en verdachte nauw en bewust hebben samengewerkt om een ontsteker met explosieven te verhandelen en over te dragen in [plaats] in de periode van 16 mei 2019 tot en met 1 juni 2019.
De betrokkenheid van de verdachte volgt uit de verklaringen van [medeverdachte H.P.] en [medeverdachte L.Z.] dat de ontstekers op initiatief van de verdachte door [medeverdachte H.P.] zijn gefabriceerd en dat [medeverdachte L.Z.] de tas met explosieven in de woning van verdachte heeft zien liggen en heeft aangeraakt. De DNA-sporen bevestigen beide verklaringen.
[medeverdachte J.J.] en [medeverdachte R.H.] zijn die dag, voordat zij samen naar [plaats] gingen, meermalen bij verdachte geweest op het [straat] , en na aflevering heeft [medeverdachte J.J.] met verdachte gebeld en is hij 's nachts nog naar hem toegereden.
[betrokkene 9] heeft verdachte meermalen bezocht op het [straat] . Twee dagen nadat [betrokkene 8] door de politie was gepakt met de explosieven en ontsteker, belt [betrokkene 9] met verdachte en verwijt hem dat ze zo laat zijn gaan rijden. Uit de reactie van verdachte (dat ze 24 uur per dag rijden en dat [betrokkene 9] dan van tevoren hierover iets had moeten zeggen) blijkt dat verdachte het aanspreekpunt is betreffende de handel.
Onderdeel Pseudokoop 1
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat dit feit - in de vorm van medeplegen- wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak van dit feit bepleit als de verklaring van verdachte wordt gevolgd. Verdachte heeft verklaard dat niet hij maar [naam 2] en [medeverdachte A.G.] de personen waren die verantwoordelijk waren voor deze wapenhandel met de pseudokopers. Het Telegramaccount NHT stond wel op zijn (verdachtes) telefoon, maar hij heeft dit verwijderd toen hij berichten met betrekking tot wapenhandel zag. Onder dreiging van [naam 2] is er vervolgens een nieuw NHT Telegram account ( [nummer] ) op zijn telefoon gezet. Via Sky kreeg hij instructies welke berichten hij moest sturen. Hij heeft de berichten over de wapenhandel onder dreiging van [naam 2] verstuurd en heeft ook de foto's van de locatie van de overdracht van de wapens via Whatsapp aan medeverdachte [medeverdachte J.B.] gestuurd.
Oordeel van het hof
Uit het dossier blijkt het volgende:
Pseudokoper [accountnaam] is via de zoekfunctie in de applicatie Telegram uitgekomen bij de chatgroep “ [chatnaam] ”. Op 17 januari 2020 ziet [accountnaam] dat gebruiker NHT op
16 januari 2020 omstreeks 19.11 uur een video heeft gepost van een lange-afstandswapen, met de tekst: “Laatste zonder kijker 4200”. Desgevraagd geeft NHT op 17 januari 2020 rond 10.37 uur aan dat hij er nog één heeft liggen met patronen. In het chatgesprek geeft NHT aan dat na de eerste koop ook andere wapens geleverd kunnen worden. Hij stuurt een foto van raketwerpers, AK47 ’s en handgranaten. Als wapens kapot zijn, kunnen zij die repareren. Er volgt een koopovereenkomst voor dit wapen ( Steyr .308 ) met munitie voor € 3.900,00. De levering zal plaatsvinden op 20 januari 2020 rond 20.30 uur bij het [plaats] aan de [straat] in [plaats] .
Blijkens camerabeelden komen op 20 januari 2020 om 18.53 uur twee personen, lijkend op medeverdachte [medeverdachte J.B.] en een vrouw, aanrijden bij de [plaats] van verdachte in de VW T-ROC ( [kentekennummer] ). Omstreeks 19.05 uur lopen zij de [plaats] in. Vervolgens bekijken [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte J.B.] de Opel Combo ( [kentekennummer] ) met een zaklamp. [medeverdachte J.B.] rijdt de Opel Combo om 19.41 uur dichterbij de [plaats] en gaat de winkel weer in.
Blijkens camerabeelden verlaten [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte J.B.] om 19.53 uur de [plaats] . [medeverdachte J.B.] draagt een langwerpig voorwerp van ongeveer 1,5 meter lengte, dat aan het zicht wordt onttrokken door een zwarte tas of doek. Het voorwerp wordt op de achterbank van de VW T-ROC gelegd. [medeverdachte J.J.] neemt plaats als bestuurder en [medeverdachte J.B.] als bijrijder.
Het telefoonnummer [nummer] , in gebruik bij [medeverdachte J.B.] , straalt om 20.16 uur aan in [plaats] . Het telefoonnummer [nummer] in gebruik bij [medeverdachte J.J.] straalt om 20.22 en 20.39 uur aan in [plaats] .
Omstreeks 20.25 uur op 20 januari 2020 meldt NHT dat hij ter plaatse is en geeft door: “Grijze vw e Tron”. Rond 20.34 uur geven pseudokopers [accountnaam] en [accountnaam] door aan NHT dat zij ook ter plekke zijn. Daarop vraagt NHT hen om een foto te sturen van de locatie. Pseudokoper [accountnaam] maakt twee foto’s en stuurt die via Telegram aan NHT. Verdachte stuurt deze twee foto’s om 20.37 uur via WhatsApp door aan [medeverdachte J.B.] .
Na enkele minuten parkeert een grijze VW T-ROC naast de auto van de pseudokopers. De bestuurder ( [medeverdachte J.J.] ) maakt contact. [medeverdachte J.B.] is de bijrijder. De pseudokopers zien dat [medeverdachte J.J.] op zijn mobiele telefoon een foto van de locatie heeft die [accountnaam] eerder had verstuurd aan NHT. [medeverdachte J.J.] geeft de telefoon aan [medeverdachte J.B.] . Op hun vraag wijst [medeverdachte J.J.] naar de achterbank, waar een lang voorwerp onder een deken ligt. Pseudokoper [accountnaam] ziet een voorwerp, gelijkend op een lange-afstandswapen. [medeverdachte J.J.] geeft aan dat hij een demper en scope kan regelen, maar ook ‘appels’. [medeverdachte J.B.] overhandigt het wapen aan pseudokoper [accountnaam] en [medeverdachte J.J.] telt het door [accountnaam] betaalde geld. Tijdens het tellen verschijnt op het display een inkomende oproep met de naam “ [verdachte ] ”. [medeverdachte J.B.] pakt zijn telefoon, reageert met “ja” en hangt weer op. [medeverdachte J.J.] vertelt dat het contact via Telegram niet via hem, maar via zijn broer verloopt.
Om 20.57 uur stuurt verdachte via WhatsApp aan [medeverdachte J.B.] : “App me als je op terugweg bent”. [medeverdachte J.B.] reageert om 20.58 uur met: “Ben op terugweg”.
De telefoonnummers van [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte J.B.] stralen om 21.05 uur weer aan in [plaats] . Omstreeks 21.08 uur ontvangt verdachte blijkens camerabeelden [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte J.B.] weer in de [plaats] .
Op de telefoon van verdachte is een foto aangetroffen van verscheurde bankbiljetten van 100 euro (nummers X06341496491, X06341496572 en X06341496707) en 50 euro (RC38977309289). Onder meer met deze vier bankbiljetten hebben de pseudokopers voor het vuurwapen betaald. Twee van deze bankbiljetten (X06341496491 en X06341496707) zijn bij doorzoeking ook aangetroffen in de kluis van de [plaats] .
Het wapen blijkt bij onderzoek een geweer van het merk Steyr-Mannlicher , Elite, kaliber .308 Winchester inclusief magazijn. Dit is een vuurwapen van categorie III, dat Schengen-gesignaleerd is als een gestolen wapen. De munitie is van categorie III, namelijk 44 patronen Sellier & Bellot , full metal jacket, kaliber .308 Winchester .
Het hof stelt op grond van het voorgaande vast dat verdachte nauw en bewust heeft samengewerkt met medeverdachten om een vuurwapen en munitie van de categorie III te verhandelen en over te dragen in [plaats] op 20 januari 2020.
Het hof acht de verklaring van de verdachte, inhoudende dat [naam 2] hem heeft bedreigd en geïnstrueerd met betrekking tot de wapenhandel en de berichten van het account NHT, ongeloofwaardig. Er zijn geen aanwijzingen in het onderzoek dat ene [naam 2] aanwezig en/of betrokken zou zijn bij de tenlastegelegde wapenhandel. Nergens is gebleken dat de door verdachte genoemde [naam 2] een bestaand persoon is, laat staan dat deze [naam 2] verdachte instructies zou hebben gegeven. Dit terwijl verdachte en de medeverdachten zijn gevolgd en afgeluisterd door de politie en de door verdachte verstuurde en ontvangen berichten via Telegram en Whatsapp in het dossier staan. De verklaring van verdachte over [naam 2] legt het hof daarom terzijde.
Onderdeel [plaats]
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat dit feit - in de vorm van medeplegen - wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak van dit feit bepleit als de verklaring van verdachte wordt gevolgd. De verdachte heeft verklaard dat het [naam 2] was die verantwoordelijk was voor deze wapenhandel. Hij is met [naam 2] en medeverdachte [medeverdachte M.K.] naar [plaats] gegaan om daar het wapen op te halen. [naam 2] is door [medeverdachte M.K.] en hem opgepikt bij de meubelboulevard in [plaats] . In [plaats] is [medeverdachte M.K.] in de auto blijven zitten en zijn [naam 2] en hij uitgestapt. [naam 2] heeft het wapen in ontvangst genomen. Hij voelde zich bedreigd door [naam 2] en is daarom meegegaan.
Oordeel van het hof
Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting leidt het hof het volgende af.
Vanaf 17 februari 2020 heeft verdachte via het Telegram-account [naam] (NHT) contact met het account ‘ [chatnaam 1] ’ (naar later blijkt: [betrokkene 12] ). Vanaf
20 februari 2020 wordt tussen hen onderhandeld over een aankoop van een Uzi -machinepistool met demper en een TT33 -pistool voor een prijs van 4400 door verdachte. Op 23 februari 2020 spreken zij via de chat af dat verdachte de wapens de volgende dag komt ophalen bij [betrokkene 12] op het adres [straat] in [plaats] .
Uit de peilbakengegevens van de VW T-ROC (auto van [medeverdachte M.K.] ) blijkt dat deze auto op maandag 24 februari 2020 arriveert bij de woning van verdachte aan het [straat] in [plaats] . Vervolgens vertrekken [medeverdachte M.K.] en verdachte in de VW T-ROC richting [plaats] .
Verdachte onderhoudt onderweg via Telegram contact met [betrokkene 12] over de route en de aankomsttijd. Om 16:03 uur stuurt hij een foto van de garage aan de [straat] te [plaats] aan [betrokkene 12] en vraagt of hij goed staat.
Omdat er nog op iemand gewacht moet worden in verband met het geld, vertrekken [medeverdachte M.K.] en verdachte weer. ’s Avonds om 19:48 uur bericht verdachte aan [betrokkene 12] dat hij er over vijf minuten weer is. [betrokkene 12] instrueert verdachte de garage in te rijden.
Blijkens de peilbakengegevens van de VW-T-ROC komen zij om 20:02 uur weer aan op de [straat] in [plaats] .
De telefoonnummers die bij verdachte ( [nummer] ) en [medeverdachte M.K.] ( [nummer] ) in gebruik zijn volgen de hele route van het peilbaken in de VW T-ROC.
[betrokkene 12] heeft bij de politie verklaard dat NHT bij hem een Uzi met een demper en een TT33 ( Tokarev ) heeft gekocht. Hij had met NHT afgesproken op 24 februari 2020 in de middag in de garage aan de [straat] in [plaats] . NHT was er ’s middags al, maar toen had hij nog maar de helft van het geld. ’s Avonds kwam NHT weer terug, samen met een donkere jongen. Zijn auto stond voor de garage. [betrokkene 12] is bij hen in de auto gestapt en in de auto heeft zowel de overdracht van het wapen als de afhandeling van het geld plaatsgevonden.
De politie heeft de PGP-telefoon van [medeverdachte M.K.] ( [accountnaam] ) onderzocht en heeft daarin een aantal chats aangetroffen. Tussen 22 en 27 februari 2020 worden er een aantal chatberichten uitgewisseld over wapens tussen [medeverdachte M.K.] en een gebruiker met de naam “ [chatnaam 2] ”. Op 22 februari 2020 chat [medeverdachte M.K.] aan [chatnaam 2] : “Na weekend komen onze wapens bro ok” en “Maar gped zodra na weekend er is stuur ik [naam] jou kant met wapen ok”.
Op 24 februari 2020 tussen 23 :39 en 23 :42 uur zegt [medeverdachte M.K.] in de chat tegen “ [chatnaam 2] ”: “We hebben vandaag uzi met demper gehaald (…) Echt mooi ding.”.
Door de politie is gerelateerd dat de TT33 een halfautomatisch pistool is.
Een Uzi -machinepistool is een automatisch vuurwapen.
Een automatisch vuurwapen is een vuurwapen van de categorie II onder 2 en een halfautomatisch vuurwapen is een vuurwapen van de categorie III onder 1.
Het hof stelt op grond van het voorgaande vast dat verdachte nauw en bewust heeft samengewerkt met medeverdachten om een vuurwapen en munitie van de categorie III te verhandelen en over te dragen in de periode van 17 tot en met 24 februari 2020.
Het hof acht de verklaring van verdachte, inhoudende dat [naam 2] degene was die verantwoordelijk was voor deze wapenhandel, ongeloofwaardig. Er is geen enkele aanwijzing dat er iemand anders dan verdachte, [medeverdachte M.K.] en [betrokkene 12] aanwezig waren bij de wapenoverdracht. Ook is er in de peilbakengegevens van de betrokken VW T-ROC geen steun te vinden voor de stelling dat er een stop is gemaakt bij de meubelboulevard in [plaats] ( [naam 2] zou daar zijn opgepikt volgens verdachte). De verklaring van verdachte over [naam 2] legt het hof daarom terzijde.
Onderdeel Pseudokoop 2
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat dit feit - in de vorm van medeplegen - wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak van dit feit bepleit als de verklaring van verdachte wordt gevolgd. De verdachte heeft, net zoals met betrekking tot het onderdeel Pseudokoop 1, verklaard dat niet hij maar [naam 2] verantwoordelijk was voor deze wapenhandel met de pseudokopers. Via Sky kreeg hij instructies welke berichten hij moest sturen. Hij heeft de berichten over de wapenhandel onder dreiging van [naam 2] verstuurd.
Oordeel van het hof
Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting leidt het hof het volgende af.
Via Telegram krijgt de politie-pseudokoper met codenaam [accountnaam] (gebruikersnaam: [naam] ) contact met verdachte (NHT). Verdachte chat op 28 januari 2020 met [accountnaam] en meldt dat hij vijf leveranciers heeft. Van twee leveranciers zijn er volle auto’s op weg. De buizen komen van een andere leverancier. Er komen auto’s binnen met korte en lange. Verdachte weet nooit van tevoren wat er precies in zit.
Op vrijdag 21 februari 2020 chat verdachte met [accountnaam] en meldt dat zij dinsdag misschien al dingen kunnen regelen. Op maandag 24 februari 2020 vraagt verdachte via de chat aan [accountnaam] wat hij nodig heeft, zodat hij dat apart kan leggen. Verdachte geeft aan dat hij een buis, een AK en een HK 180 schots met demper voor [accountnaam] heeft. Verdachte geeft aan [accountnaam] aan dat hij een foto zal sturen van de HK 180 shots. Deze foto stuurt hij ook aan [accountnaam] .
[medeverdachte M.K.] chat op maandag 24 februari 2020 tussen 23 :21 en 23 :33 uur aan [chatnaam 2] dat hij donderdag zijn CZ krijgt, dat woensdag de eerste lading binnenkomt en de volgende week de tweede lading, maar dat hij [chatnaam 2] alvast de CZ geeft.
Op 24 februari 2020 om 23 :29 uur stuurt [medeverdachte M.K.] een foto naar [chatnaam 2] . [medeverdachte M.K.] bericht vervolgens aan [chatnaam 2] : “Deze krijgen we ook. (…) Bro gaan 180 kogels in eem trommel”.
Op 24 februari 2020 tussen 23 :34 en 23 :36 uur bericht [medeverdachte M.K.] aan [chatnaam 2] : “Ga morgem bij een oude molukse man een buis kopen voor 2 kop. Raketwerper. Hij had geld nodig. (….) Mijn maat gaat mee. (…) Die wapenkenner. Nee gewoon een echte buis. Die Russische. Die hadden wij toen ook. Die bood ik je ook aam destijds. (..) Ik verkoop die buis meteen door voor 3800”.
Pseudokoper [accountnaam] relateert dat binnen het criminele circuit een ‘buis’ bekend staat als een raketwerper.
Op 24, 25 en 26 februari 2020 onderhandelen verdachte en [accountnaam] via Telegram over de verkoop door verdachte aan [accountnaam] van een buis, een AK en een 180-shots HK nieuw model met ssd demper. Afgesproken wordt dat verdachte deze zal leveren voor € 9.000,00. Verdachte bericht op woensdag 26 februari 2020 dat de wapens de komende nacht door een maat worden opgehaald.
Op 27 februari 2020 om 09.34 uur spreken verdachte en [accountnaam] die avond af om 21.00 uur op dezelfde plek als de vorige keer.De vorige keer (pseudokoop 1) was op 20 januari 2020 op het parkeerterrein van [plaats] gevestigd aan de [straat] te [plaats] .
De camera bij de woning van verdachte aan het [straat] te [plaats] registreert dat de auto van [medeverdachte M.K.] (VW-T-ROC) op 27 februari 2020 tussen 09.38 en 09.40 uur naast de woning van verdachte staat.
[medeverdachte M.K.] chat om 10.48 uur aan [chatnaam 2] dat de wapens vannacht zijn opgehaald door “die yoegoe van ons”, dat hij straks doorgeeft hoe laat de CZ gehaald kan worden en dat hij die CZ voor hem apart heeft gelegd.
Om 14.00 uur komt [medeverdachte M.K.] aan bij de [plaats] aan de [straat] te [plaats] . Getuige [betrokkene 15] heeft verklaard dat hij eigenaar is van deze [plaats] , maar de winkel per 1 januari 2020 heeft verhuurd aan verdachte. [medeverdachte M.K.] runt samen met verdachte deze [plaats] . Medeverdachte [medeverdachte J.B.] is de bedrijfsleider van de [plaats] .
Om 15:32 uur heeft [medeverdachte M.K.] in de [plaats] een gesprek met [medeverdachte J.J.] . Dit gesprek is door de politie opgenomen. [medeverdachte M.K.] hoort van [medeverdachte J.J.] dat de afspraak die avond bij [plaats] is. [medeverdachte M.K.] wordt boos omdat er bij [plaats] is afgesproken omdat daar sprake is van kentekenregistratie.
Het peilbaken van de auto van [medeverdachte M.K.] geeft aan dat [medeverdachte M.K.] om 17.45 uur van de [plaats] vertrekt en via [plaats] naar zijn woning in [plaats] rijdt en daar om 20:20 uur aankomt.
Om 18:26 uur heeft [medeverdachte M.K.] Whatsappcontact met verdachte. Hij appt verdachte: “Aub geen [plaats] ”. Verdachte antwoordt dat dit al is afgesproken.
Uit de camerabeelden bij de [plaats] in [plaats] blijkt dat op 27 februari 2020 omstreeks 19:09 uur [medeverdachte J.B.] in zijn auto aan komt rijden met verdachte als passagier. Beiden gaan de [plaats] binnen.
Op de iPhone van verdachte zijn foto’s aangetroffen van 27 februari 2020 tussen 19:16 en 19:18 uur. Het betreffen detailopnames van twee machinegeweren en twee pistolen.
Om 19. 23 uur is er een gesprek hoorbaar in de [plaats] tussen [medeverdachte J.J.] en verdachte. In de geluidsopnames daarvan zijn geluiden van handelingen met een wapen hoorbaar en wordt door verdachte gezegd dat ze er zo meteen negenduizend voor betalen.
Om 19.29 uur stuurt verdachte het volgende bericht aan pseudokoper [accountnaam] : “Men maat komt weer, ben er zelf niet”.
[medeverdachte M.K.] stuurt om 20:40 uur een foto naar [chatnaam 2] en chat aan hem: “Ppsst… jou wapen”. [chatnaam 2] vraagt [medeverdachte M.K.] waar het gehaald moet worden en dat hij dan morgen iemand stuurt. [medeverdachte M.K.] antwoordt dat het in [plaats] gehaald kan worden.
Het peilbaken geeft aan dat [medeverdachte M.K.] om 20.47 uur in zijn auto wegrijdt uit [plaats] en op 20:58 uur aankomt in [plaats] en daar stil staat op de [plaats] . Het observatieteam ter plaatse neemt de auto van [medeverdachte M.K.] daar waar, herkent [medeverdachte M.K.] en ziet dat hij alleen in de auto zit.
Het observatieteam van de politie neemt waar dat op 27 februari 2020 omstreeks 20.34 uur [medeverdachte G.S.] en [medeverdachte J.J.] de [plaats] in [plaats] uitlopen. [medeverdachte J.J.] heeft een langwerpige tas in zijn hand. Zij lopen naar de personenauto BMW met kenteken [kentekennummer] . Er wordt iets op de achterbank gelegd. Zij rijden samen in de BMW weg. [medeverdachte J.J.] bestuurt de BMW.
Om 21:00 uur parkeert [medeverdachte J.J.] de BMW aan de [plaats] te [plaats] . [medeverdachte J.J.] stapt uit en loopt naar de VW-T-ROC van [medeverdachte M.K.] , die daar al stond. [medeverdachte J.J.] stapt bij [medeverdachte M.K.] in de VW-T-ROC en ze rijden weg. De VW-T-ROC stopt om 21.05 uur op de parkeerplaats van [plaats] aan de [straat] te [plaats] . [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte M.K.] maken daar contact met de inzittenden van een blauwe personenauto (de pseudokopers) en vertrekken weer.
Zij gaan terug naar de [plaats] in [plaats] . Daar stapt [medeverdachte J.J.] uit de VW-T-ROC en stapt weer in de BMW. Beide auto’s rijden weg.
De BMW rijdt vervolgens naar de parkeerplaats van [plaats] aan de [straat] te [plaats] en stopt daar. De VW-T-ROC staat dan geparkeerd aan de [straat] ter hoogte van perceel 7-1.
Pseudokopers [accountnaam] en [accountnaam] relateren dat zij op 27 februari 2020 omstreeks 20:58 uur op de parkeerplaats van [plaats] aan de [straat] te [plaats] zijn. [accountnaam] heeft via Telegram aan de kopers door dat zij er zijn. Omstreeks 21:04 uur zien zij de VW-T-ROC aankomen en naast hen parkeren. Ze herkennen de bijrijder als [medeverdachte J.J.] . Ze herkenden hem van de vorige pseudokoop op 20 januari 2020.
Op aangeven van de bestuurder van de VW-T-ROC ( [medeverdachte M.K.] ) stappen zij in de VW-T-ROC. [accountnaam] vraagt dan aan [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte M.K.] of de spullen achterin de auto liggen. [medeverdachte M.K.] antwoordt hierop dat de spullen op een andere parkeerplaats liggen en dat de locatie [plaats] niet goed is vanwege camera’s en politie. [medeverdachte M.K.] zegt dat de buis in [plaats] ligt.
[accountnaam] en [accountnaam] geven dan aan niet naar een andere locatie te willen gaan en dat [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte M.K.] die dingen moeten gaan halen. [accountnaam] en [accountnaam] zien [medeverdachte J.J.] en [medeverdachte M.K.] dan vertrekken in de VW-T-ROC.
Enkele minuten later komt [medeverdachte J.J.] terug. Hij rijdt dan in de BMW. Op de bijrijdersstoel zien [accountnaam] en [accountnaam] een persoon met de capuchon over het hoofd ( [medeverdachte G.S.] ). [medeverdachte J.J.] stapt uit, wijst dan naar twee donkere zakken op de grond achter de bijrijdersstoel en zegt: “het ligt daar”. [medeverdachte J.J.] maakt vervolgens de zakken open. [medeverdachte J.J.] haalt dan een langwerpig apparaat, gelijkend op een automatisch vuurwapen merk AK-47 , uit een zak. Op het moment dat [medeverdachte J.J.] de andere zak pakt, vindt aanhouding door de politie plaats. Ook [medeverdachte M.K.] wordt aangehouden.
In de BMW waarin [medeverdachte J.J.] reed worden door de politie de volgende wapens aangetroffen:
een machinepistool merk Gorenje , type MGV-176 , kaliber .22 LR , voorzien van een geluiddemper en een 161-shots patroonmagazijn (trommelmagazijn); dit is een vuurwapen van de categorie II onder 2;
een aanvalsgeweer merk Norinco , type 56-1 , kaliber 7,62x39 , voorzien van een 30-shots patroonmagazijn; dit is een vuurwapen van de categorie II onder 2;
een knalpatroon merk Geco , kaliber 9 mm , PA Blanc ; dit is munitie van de categorie III;
een huls merk Igman , kaliber 9x19 mm ; dit is munitie van de categorie III.
De woning van [medeverdachte M.K.] in [plaats] wordt door de politie doorzocht op 27 februari 2020. Daar wordt in een slaapkamer in een doos met kleding een pistool CZ99 , 9mm para met magazijn en munitie aangetroffen. Na onderzoek blijkt dit een vuurwapen van de categorie III te zijn.
Op het patroonmagazijn van het pistool CZ99 is een DNA-mengprofiel aangetroffen, gelabeld [nummer] , van minimaal vier personen, waaronder [medeverdachte J.J.] , [medeverdachte M.K.] en minimaal twee onbekenden. De kans dat dit mengprofiel DNA bevat van [medeverdachte J.J.] en drie willekeurige onbekenden, is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker dan de kans dat dit mengprofiel DNA bevat van vier willekeurige onbekenden. De kans dat dit mengprofiel DNA bevat van [medeverdachte M.K.] en drie willekeurige onbekenden, is meer dan 280 duizend keer waarschijnlijker dan de kans dat dit mengprofiel DNA bevat van vier willekeurige onbekenden. Op ruwe delen van het pistool CZ99 is een DNA-mengprofiel aangetroffen, gelabeld [nummer] , van minimaal drie personen, waaronder verdachte, [medeverdachte M.K.] en minimaal één onbekende. De kans dat dit mengprofiel DNA bevat van verdachte en twee willekeurige onbekenden, is meer dan 10 miljoen keer waarschijnlijker dan de kans dat dit mengprofiel DNA bevat van drie willekeurige onbekenden. De kans dat dit mengprofiel DNA bevat van [medeverdachte M.K.] en twee willekeurige onbekenden, is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker dan de kans dat dit mengprofiel DNA bevat van drie willekeurige onbekenden.
Op grond van het voorgaande oordeelt het hof dat met betrekking tot het onderdeel Pseudokoop 2 sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachten. Daarmee acht het hof het tenlastegelegde medeplegen met betrekking tot dit onderdeel van feit 3 en van feit 5 wettig en overtuigend bewezen.
Zoals hiervoor bij andere onderdelen al is overwogen, acht het hof de verklaring van de verdachte inhoudende dat [naam 2] degene was die verantwoordelijk was voor de wapenhandel, ongeloofwaardig. De verklaring van verdachte over [naam 2] legt het hof daarom terzijde.
Onderdeel Opel Combo
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat dit feit wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak van dit feit bepleit als de verklaring van verdachte wordt gevolgd. De verdachte heeft verklaard dat de wapens in de Opel Combo niet van hem waren.
Oordeel van het hof
Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting leidt het hof het volgende af.
Op 28 februari 2020 (de dag na de pseudokoop 2) is door de politie voor de [plaats] van verdachte en [medeverdachte M.K.] in [plaats] een Opel Combo ( [kentekennummer] ) in beslag genomen. In een zwarte sporttas in de laadruimte van de Opel Combo zijn aangetroffen: 1) een pistool met magazijn (vuurwapen categorie III, 7,62 mm Tokarev ). 2) een pistool met magazijn (vuurwapen categorie III, Zoraki 917-T, .380 ACP ). 3) een kogelgeweer met magazijn (vuurwapen categorie II, aanvalsgeweer, Zastava M70 -AB2 , 7,62 mm , 30 shots). 4) een kogelgeweer met magazijn met 4 patronen (vuurwapen categorie II, aanvalsgeweer, Zastava M70 -AB2 , 7,62 mm , met magazijn van categorie II, geschikt voor aanvalsgeweren van Zastava , en vier kogelpatronen van categorie III).
Op het onder 1 genoemde wapen (pistool Tokarev ) is DNA aangetroffen van minimaal
twee personen, waaronder DNA van [medeverdachte J.J.] . Voor DNA-mengprofiel [nummer] (aangetroffen op de greep, trekker en ruwe delen van het wapen) geldt dat het meer dan
1 miljard keer waarschijnlijker is dat het mengprofiel DNA bevat van [medeverdachte J.J.] en een willekeurige onbekende dan dat het mengprofiel bevat van twee willekeurige onbekenden.
Het onder 3 genoemde kogelgeweer ( Zastava M70 met magazijn) is vergeleken met de op 27 februari 2020 om 19.17 uur gemaakte foto in de [plaats] in [plaats] , aangetroffen op de iPhone X van verdachte. Verbalisant [verbalisant 1] concludeert op basis van meerdere unieke kenmerken dat het gaat om hetzelfde wapen.
Het hof is van oordeel dat op grond van de inhoud van de bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte de wapens en munitie die aangetroffen zijn in de Opel Combo voorhanden heeft gehad en acht daarmee het onderdeel ‘Opel Combo’ van feit 5 wettig en overtuigend bewezen.
Onderdeel [straat]
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat dit feit wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De tekst gaat verder: De uitspraak op rechtspraak.nl