Hof Arnhem-Leeuwarden 27 augustus 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:5386
Verzoek om erkenning in Nederland van een in het buitenland gewezen arbitraal vonnis en verlof om dat vonnis in Nederland ten uitvoer te leggen. Artikel 1075 Rv jo. artikel III en IV van het Verdrag van New York. In artikel III in verbinding met artikel V van het Verdrag van New York ligt de hoofdregel besloten dat de rechter verplicht is om een buitenlands arbitraal vonnis te erkennen en van verlof tot tenuitvoerlegging te voorzien, tenzij sprake is van een weigeringsgrond. De in artikel V genoemde weigeringsgronden zijn limitatief. Er doen zich in deze zaak geen weigeringsgronden voor en evenmin is het verzoek strijdig met de Nederlandse openbare orde.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 706 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 985 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 986 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 987 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 988 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 1075 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 1076 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 6 EVRM