Hof Arnhem-Leeuwarden 15 mei 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:2838
Onderzoek Druppel. Het hof ziet geen aanleiding om prejudiciële vragen aan de Hoge Raad voor te leggen. Het arrest bevat een uitgebreide bespreking van de formele verweren waarbij de verklaringen van de kroongetuige en de kroongetuigeovereenkomst centraal staan. Het hof stelt vast dat er onherstelbare vormen zijn verzuimd in het vooronderzoek als bedoeld in artikel 359a Sv. Het hof ziet geen aanleiding voor niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging. Wel voor bewijsuitsluiting en strafvermindering. Het hof verwerpt het verweer dat de verklaring van de kroongetuige in het geheel onbetrouwbaar moet worden geacht en niet bruikbaar is voor het bewijs. Het hof acht de verklaringen van de veroordeelde schutter en een medeverdachte betrouwbaar en bruikbaar voor het bewijs en oordeelt dat er voldoende steunbewijs is. Er volgt een veroordeling ter zake van medeplegen van uitlokking van medeplegen van moord tot een gevangenisstraf van 14 jaren.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Noord-Nederland 18 oktober 2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:4254
- HR 19 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1264
- HR 13 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:913
- HR 1 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:1889
- HR 1 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:1890
- HR 23 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:600
- HR 29 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:123
- Hof Amsterdam 29 juni 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2497
- HR 2 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:169
- Hof Arnhem-Leeuwarden 26 juni 2014, ECLI:NL:GHARL:2014:5114
- Hof Arnhem-Leeuwarden 26 juni 2014, ECLI:NL:GHARL:2014:5115
- HR 19 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY5321
- HR 30 maart 2004, ECLI:NL:HR:2004:AM2533