Hof Arnhem-Leeuwarden 28 februari 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:1515
Betreft uitgaand verzoek tot wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging rechterlijke uitspraak. Bezwaarschrift ex artikel 2:27, derde lid van de Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties. Veroordeelde heeft niet ingestemd met toezending terwijl die instemming ex artikel 2:26 WETVVS wel was vereist. Het hof concludeert dat niet is voldaan aan de formele vereisten voor toezending van de rechterlijke uitspraak aan Spanje. Naar het oordeel van het hof heeft de minister bij deze stand van zaken niet in redelijkheid tot de voorgenomen beslissing kunnen komen. Het bezwaar is gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 2:24 Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties
- Artikel 2:26 Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties
- Artikel 2:27 Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties
- Artikel 6