Hof Arnhem-Leeuwarden 18 januari 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:428
Hoger beroep ingesteld door het openbaar ministerie tegen de vrijspraak van de voorbedachten rade in eerste aanleg. Anders dan de rechtbank is het hof van oordeel dat bewezen kan worden dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van moord. Het hof veroordeelt verdachte, rekening houdend met diens verminderde toerekeningsvatbaarheid, tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaar met aftrek van voorarrest.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 5 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:796
- HR 28 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:3022
- HR 23 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2761
- HR 15 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:963
- HR 30 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX5396
- HR 3 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW9972
- HR 28 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BR2342
- HR 6 juli 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO9905
- HR 25 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AE9049