Hof Arnhem-Leeuwarden 22 maart 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:2508
Hoger beroep van verdachte tegen de veroordeling van de rechtbank tot een gevangenisstraf voor de duur van achttien jaren met aftrek van voorarrest ter zake van moord en diefstal. Het hof wijst de verzoeken van de verdediging strekkende tot nader (forensisch) onderzoek af, verwerpt de verweren van de verdediging strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie en bewijsuitsluiting en komt evenals de rechtbank tot een bewezenverklaring van moord en diefstal. Het hof is met de rechtbank op diverse gronden van oordeel dat het door de verdachte geschetste alternatieve scenario niet aannemelijk is geworden en is van mening dat verdachte het heeft verzonnen. Het hof veroordeelt de verdachte tot een hogere gevangenisstraf voor de duur van 20 jaren met aftrek van voorarrest omdat het de strafverzwarende omstandigheden zwaarder laat wegen dan de rechtbank.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 11 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:652
- HR 4 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:584
- HR 23 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2761
- HR 1 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1496
- HR 15 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:963
- HR 19 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY5321
- HR 28 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BR2342
- HR 4 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BM6673
- Rb. Rotterdam 2 november 2010, ECLI:NL:RBROT:2010:BO4086
- HR 16 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK3359