Hof Amsterdam 9 februari 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:246

Naar aanleiding van een door het openbaar ministerie ingediende klacht tegen een notaris heeft de kamer de notaris ontzet uit het ambt. Notaris heeft hoger beroep ingesteld. Hof bevestigt de beslissing van de kamer. Het openbaar ministerie heeft vanaf september 2016 uitvoering gegeven aan een strafrechtelijk onderzoek naar een voorgenomen transactie van anderhalf miljard contante Venezolaanse Bolivars. De notaris heeft in augustus 2016 op het briefpapier van de notaris en voorzien van zijn handtekening en kantoorstempel een schriftelijke verklaring opgesteld waarin hij verklaart dat hij heeft gezien dat een Nederlandse vennootschap op deze datum anderhalf miljard Bolivars in contanten in bezit heeft. In hoger beroep voert de notaris, onder meer, aan dat het openbaar ministerie geen redelijk belang heeft bij de indiening van deze klacht omdat de tuchtrechtelijke klacht betrekking heeft op dezelfde gedraging als de strafrechtelijke vervolging. Het hof overweegt dat als aan een notaris een verweten gedraging ook tot een strafrechtelijke vervolging leidt of kan leiden, dan nog heeft het openbaar ministerie, de samenleving dienend, een redelijk belang om een klacht over de niet-naleving van de beroepsnormen in te dienen. Het hof rekent het de notaris zwaar aan dat hij het aanzien van zijn beroepsgroep in diskrediet heeft gebracht en het maatschappelijk vertrouwen daarin heeft beschadigd door de kernwaarden van het beroep - zorgvuldigheid, integriteit en onafhankelijkheid - ernstig te schenden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken