Hof Amsterdam 20 februari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:652
Na verwijzing door de Hoge Raad. Minderjarige verblijft sinds 2005 in het huidige pleeggezin. Het hof heeft een deskundigenonderzoek gelast ter beantwoording van de vraag of hervatting van het contact tussen de man en de minderjarige op enigerlei wijze mogelijk is. De man heeft dit onderzoek door zijn handelwijze onmogelijk gemaakt, waardoor voortzetting van het onderzoek niet meer aan de orde is. De verzoeken van de man om hem te herstellen in het ouderlijk gezag, de minderjarige weer bij hem te laten wonen, een andere voogdijinstelling te benoemen, de voogdij te beëindigen, althans de GI te ontslaan, een omgangsregeling tussen hem en de minderjarige vast te stellen, een informatieregeling vast te stellen en een bijzondere curator voor de minderjarige te benoemen, worden allen afgewezen. Toewijzing van het verzoek van de GI om de man de omgang met de minderjarige te ontzeggen voor de duur van één jaar, gelet op de zwaarwegende belangen van de minderjarige. Veroordeling van de man in de kosten van het deskundigenonderzoek, omdat hij het onderzoek onmogelijk heeft gemaakt. Veroordeling van de man in de kosten van het geding in hoger beroep, gelet op de uitkomst van de procedure.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 198 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 223 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 244 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 28 Overgangswet NBW
- Artikel 1:277 BW1
- Artikel 1:305 BW1
- Artikel 1:322 BW1
- Artikel 1:327 BW1
- Artikel 1:328 BW1
- Artikel 1:377a BW1
- Artikel 1 Wjz
- Artikel 8 EVRM