Hof Amsterdam 21 augustus 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:3011
Douanerecht. Is sprake van een douaneschuld ontstaan op grond van artikel 204, lid 1, aanhef en onder b, van het CDW? Kan, met betrekking tot utb 4, sprake zijn van terugwerkende kracht voor de vergunning actieve veredeling? Kan belanghebbende een succesvol beroep doen op artikel 220, lid 2, letter b, van het CDW, zodat boeking achteraf van douanerechten niet mogelijk is? Zijn in de bezwaarschriften tegen de vier utb’s tevens verzoeken terugbetaling ex artikel 239 van het CDW begrepen, waarop de inspecteur nog afzonderlijk dient te beslissen? Zo ja, zijn laatstgenoemde verzoeken tijdig ingediend?
De uitspraak op rechtspraak.nl