Hof Amsterdam 30 januari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:300

Appel van ECLI:NL:RBAMS:2016:2793. IPR. Voor de onderhavige vordering tot verklaring voor recht dat ‘arbitraal vonnis’ non-existent is, gelden geen andere rechtsmachtregels dan voor een vordering tot vernietiging van zo’n vonnis. Evenals de eerste rechter oordeelde, heeft de Nederlandse rechter in casu geen rechtsmacht, omdat de plaats van arbitrage buiten Nederland is gelegen. Art. 1037 leden 1 en 2 Rv en art. 1075 Rv.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen