Hof Amsterdam 19 juni 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:2018
Klacht tegen twee gerechtsdeurwaarders. De klacht bestaat uit tien onderdelen en bestaat onder meer uit het klachtonderdeel dat ten onrechte beslag is gelegd op de zorgtoeslag van klager naast het beslag op zijn uitkering. De kamer heeft de klacht gegrond verklaard en de gerechtsdeurwaarders ieder afzonderlijk de maatregel van schorsing in de uitoefening van het ambt voor de duur van één week opgelegd. Het hof verklaart de klacht deels gegrond t.a.v. gerechtsdeurwaarder A en legt hem de maatregel van berisping met aanzegging op. Het hof verklaart de klacht deels gegrond ten aanzien van gerechtsdeurwaarder B en legt hem de maatregel van berisping op. Het klachtonderdeel dat ten onrechte beslag is gelegd op de zorgtoeslag naast het beslag op de uitkering is in casu gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl