CRvB 31 maart 2026, ECLI:NL:CRVB:2026:398
Intrekking bijstand. Detentie. Uitsluitingsgrond. Beroep op evenredigheidsbeginsel. Toetsingsverbod. Geen bijzondere omstandigheden voor contra-legemtoepassing. Appellant heeft aangevoerd dat de toepassing van artikel 13, eerste lid, onder a, PW op grond van onaanvaardbare financiële gevolgen achterwege moet blijven. Artikel 13, eerste lid, onder a, van de PW is dwingend geformuleerd. De stelling dat sprake is van onaanvaardbare financiële consequenties omdat de kosten van bewindvoering ook tijdens detentie doorlopen, terwijl hij tijdens de detentie geen geld had om deze kosten te voldoen, vormt geen bijzondere omstandigheid die ertoe kan leiden dat de toepassing van deze bepaling achterwege moet blijven.
De uitspraak op rechtspraak.nl