CRvB 7 oktober 2025, ECLI:NL:CRVB:2025:1525
Terugvordering AIO-aanvulling. Voorschotten. Grondslag. Geslaagd beroep op evenredigheidsbeginsel. Geen evenwichtige belangenafweging. Nader besluit. Zelf voorzien. Afwijzing verzoek om schadevergoeding. Hoger beroep tegen tussenuitspraak en einduitspraak. Op grond van art. 58 lid 2 onder d PW kunnen alleen die voorschotten kunnen worden teruggevorderd die zijn verstrekt zolang het recht op algemene bijstand (hier in de vorm van AIO-aanvulling) niet bij besluit op de aanvraag is vastgesteld. In dit geval waren de voorschotten echter pas verstrekt nadat het recht op AIO-aanvulling met het primaire besluit was vastgesteld. Om die reden kon de Svb deze voorschotten dan ook niet op grond van art. 58 lid 2 onder d PW terugvorderen. De Svb is wel bevoegd om deze op grond van art. 4:95 lid 4 Awb terug te vorderen. De Svb heeft overige omstandigheden van het geval waaronder de oorzaken en gevolgen van en eigen aandeel in het ontstaan van de terugvordering onvoldoende meegewogen. Uitgaande van de waarde van de woning van € 18.000,-, en de vermogensgrens van € 12.240,- (per 1 januari 2019) was sprake van een overschrijding van de grens van het vrij te laten vermogen van € 5.760,-. Een terugvordering van een bedrag van € 9.670,88 is in de gegeven omstandigheden dan ook niet evenredig. In het geval van appellanten is een terugvordering van verstrekte voorschotten ter hoogte van de vermogensoverschrijding evenredig.
De uitspraak op rechtspraak.nl