CRvB 10 december 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:2364
Het college heeft de aan appellant verstrekte uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) ingetrokken en teruggevorderd over een periode in het verleden. De reden daarvoor was dat appellant werkzaamheden heeft verricht zonder het college daarvan op de hoogte te stellen. Omdat appellant onvoldoende gegevens over zijn inkomen uit die werkzaamheden heeft verstrekt, is niet vast te stellen of hij recht op een (eventueel aanvullende) IOAW-uitkering had. Appellant is het daarmee niet eens. Hij krijgt daarin gelijk voor zover het gaat om een deel van de periode waarover de uitkering is ingetrokken en teruggevorderd. Voor zover het gaat om het andere deel van die periode krijgt hij geen gelijk, omdat hij daartoe niet tijdig de daarvoor benodigde gegevens heeft verstrekt.
De uitspraak op rechtspraak.nl