CRvB 27 januari 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:229

Appelante bestrijdt niet dat zij, naar achteraf is gebleken, geen recht had op de haar toegekende WIA-compensatie. Zij meent evenwel dat de zogeheten zesmaandenjurisprudentie in de weg staat aan de terugvordering, ook voor zover het de periode vanaf 4 juni 2017 betreft. De Raad volgt appellante niet in haar betoog. Dat betekent dat de korpschef zich met juistheid op het standpunt heeft gesteld dat niet de beslissing op bezwaar van het Uwv van 9 november 2016, maar het e-mailbericht van appellante van 20 juli 2017 is te beschouwen als een signaal naar aanleiding waarvan binnen zes maanden actie mocht worden verwacht. De korpschef heeft de bewuste periode benut door de compensatie per 1 januari 2018 te beëindigen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken