CRvB 24 mei 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:1187
Intrekking en terugvordering van bijstand. Verblijf in het buitenland. Het is de verantwoordelijkheid van appellant – als ontvanger van bijstand – om verblijf in het buitenland op de juiste wijze en aan de juiste afdeling van de gemeente door te geven. Niet in geschil is dat appellant diverse keren een verblijf in het buitenland niet heeft gemeld bij het college. Door dit niet te doen heeft appellant de op hem rustende inlichtingenverplichting geschonden. De onderzoeksbevindingen bieden onvoldoende feitelijke grondslag voor het standpunt van het college dat appellant voor 14 februari 2017 in het buitenland heeft verbleven. Concrete aanknopingspunten voor de conclusie dat appellant op enig moment in de periode van 29 november 2016 tot 14 februari 2017 in het buitenland heeft verbleven ontbreken. Op grond van het enkele feit dat er in die periode geen activiteit – waaruit blijkt dat appellant destijds in Nederland was – zichtbaar is op de bankafschriften, kan, anders dan het college ter zitting van de Raad heeft gesteld, niet geconcludeerd worden dat appellant in het buitenland verbleef.
De uitspraak op rechtspraak.nl