CRvB 17 mei 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:1116
Afwijzing aanvraag om bijstand op grond van het Bbz 2004. Het college heeft de aanvraag om bijstand voor de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan en bedrijfskapitaal terecht afgewezen. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat zijn bedrijf levensvatbaar is. Voor de beoordeling van de levensvatbaarheid van een bedrijf is bepalend de situatie van het bedrijf ten tijde van het besluit op de aanvraag. De overgelegde stukken van Friedeberg Consultancy en Qredits zien op een nieuwe, gewijzigde Bbz-aanvraag van appellant en niet op de onderhavige aanvraag waarover het IMK heeft geadviseerd.
De uitspraak op rechtspraak.nl