CRvB 23 mei 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:1106
Verzoek om terug te komen van in rechte vaststaand besluit. Toetsingskader. Afwijzing herzieningsverzoek niet evident onredelijk. De rechtbank moest beoordelen of het besluit tot afwijzing van het herzieningsverzoek evident onredelijk was. De rechtbank heeft ten onrechte overwogen dat beoordeeld moet worden of de oorspronkelijke besluiten evident onredelijk zijn en daarmee een onjuiste toetsingsmaatstaf aangelegd. Als gevolg daarvan heeft de rechtbank ten onrechte geoordeeld dat het dagelijks bestuur nader moest onderzoeken of de oorspronkelijke besluiten evident onredelijk zijn. Gelet op alle in aanmerking te nemen belangen leidt wat betrokkene heeft aangevoerd niet tot het oordeel dat het besluit om het herzieningsverzoek af te wijzen evident onredelijk is. Als een oorspronkelijk besluit onmiskenbaar onjuist is, dan kan dat worden betrokken bij de beoordeling of de afwijzing van het herzieningsverzoek evident onredelijk is. Maar voor zover betrokkene heeft willen betogen dat de oorspronkelijke besluiten onmiskenbaar onjuist zijn, treft dat betoog geen doel.
De uitspraak op rechtspraak.nl