CRvB 18 maart 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:609
Nawettelijke uitkering ten onrechte stopgezet. Niet meegewerkt aan het aangeboden re-integratietraject en niet volledig voldaan aan sollicitatieplicht. Appellant heeft terecht aangevoerd dat de hem opgelegde sanctie onevenredig is. Geen sprake van recidive. De Raad ziet aanleiding zelf te voorzien en te bepalen dat met toepassing van artikel 2, eerste lid, aanhef en onder c, van het Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten op de nawettelijke uitkering van appellant per 1 maart 2018 voor de duur van vier maanden een korting van 25% wordt toegepast.
De uitspraak op rechtspraak.nl