CRvB 21 oktober 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:2671

In geschil is of het Uwv bij vaststelling van het dagloon van de WIA-uitkering van appellant per 25 oktober 2017 toepassing had moeten geven aan artikel 17, eerste lid, van het Dagloonbesluit. Voor de tekst en uitleg van artikel 17, eerste lid, van het Dagloonbesluit wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. De rechtbank heeft op goede gronden geoordeeld dat niet is gebleken dat appellant zich heeft ziek gemeld tijdens de referteperiode en dat appellant de bedongen arbeid niet heeft kunnen verrichten door ziekte. Het oordeel en de overwegingen van de rechtbank worden onderschreven. Niet is gebleken dat de besluitvorming van het Uwv onzorgvuldig tot stand is gekomen of onvolledig was of dat de rechtbank de omstandigheden van appellant heeft miskend. Gelet op zijn aanvraag om een WIA-uitkering lag het primair op de weg van appellant om aan de hand van voldoende eenduidige en concrete gegevens aannemelijk te maken dat hij in de referteperiode de bedongen arbeid niet heeft kunnen verrichten door ziekte en daardoor inkomen is misgelopen. Appellant is daarin niet geslaagd. Appellant heeft in hoger beroep geen nadere gegevens ingezonden die aanknopingspunten bieden voor een ander oordeel. Zoals ook door de rechtbank is overwogen heeft appellant ook niet met medische gegevens aannemelijk gemaakt dat hij na het auto-ongeluk geleidelijk aan arbeidsongeschikt is geworden. Hieruit volgt dat het hoger beroep niet slaagt. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken