CRvB 13 augustus 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:2031

De rechtbank heeft het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Appellant heeft de grond over het lange verblijf in het buitenland niet prijsgegeven. Geen zeer dringende redenen. Er kan niet van worden uitgegaan dat appellant zijn grond over het te lange verblijf in het buitenland heeft prijsgegeven. De aangevallen uitspraak zal daarom worden vernietigd omdat appellant een belang heeft behouden bij de beoordeling van zijn grond over het verblijf in het buitenland. In wat appellant heeft aangevoerd zijn geen zeer dringende redenen gelegen als bedoeld in artikel 16 van de PW gelegen op grond waarvan het college bijstand kan verlenen. De aangevoerde omstandigheden zien niet op een ontstane noodsituatie die alleen door verlening van bijstand is te verhelpen, maar betreffen de reden waarom appellant naar eigen zeggen niet tijdig naar Nederland kon terugreizen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken