CRvB 2 september 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:2060
Evenals de rechtbank is de Raad van oordeel dat CAK zich terecht en op juiste gronden op het standpunt heeft gesteld dat appellant over de periode in geding een buitenlandbijdrage voor zijn echtgenote verschuldigd is. In artikel 69, tweede lid, van de Zvw is dwingend bepaald dat de buitenlandbijdrage is verschuldigd van diegenen die verdragsgerechtigd zijn.
De uitspraak op rechtspraak.nl