CRvB 9 januari 2019, ECLI:NL:CRVB:2019:98

Het pensioenoverzicht waartegen appellante bezwaar heeft gemaakt en de verzoeken die appellante heeft gedaan betreffen daarom een privaatrechtelijke aangelegenheid, ter zake waarvan aan het ABP geen openbaar gezag toekomt als bedoeld in artikel 1:1, aanhef en onder b, van de Awb. Het ABP kan daarom niet als bestuursorgaan worden aangemerkt. Dit betekent dat geen sprake is van een met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit door het ABP als bedoeld in artikel 6:2 van de Awb. De rechtbank heeft zich terecht onbevoegd verklaard om van het beroep van appellante kennis te nemen. Op grond van het artikel 2.5, zesde lid, van het Procesreglement bestuursrecht rechtbanken (Niet-Kei-zaken) 2017 wordt, indien de bestuursrechter niet bevoegd is kennis te nemen van het beroepschrift geen griffierecht geheven. Is wel griffierecht betaald, dan wordt dit terugbetaald. Uit de aangevallen uitspraak blijkt niet dat de rechtbank het griffierecht aan appellante heeft terugbetaald.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen