CRvB 26 juni 2019, ECLI:NL:CRVB:2019:2137

Studiefinanciering terecht herzien naar de norm voor een thuiswonende studerende en teruggevorderd. Appellant stond in de brp ingeschreven onder hetzelfde adres als zijn vader. De herziening heeft plaatsgevonden ruimschoots voor het einde van de in artikel 7.1, derde lid, van de Wsf 2000 opgenomen termijn van 18 maanden, te rekenen vanaf het einde van het studiefinancieringstijdvak. Nu geen sprake is geweest van een herhaalde fout als bedoeld in het beleid en appellant redelijkerwijs had kunnen weten dat de toekenning onjuist was, is de herziening met dat beleid in overeenstemming.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken