CRvB 29 maart 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:959

De staatssecretaris heeft bij de vaststelling van het resterend verlofsaldo van appellante terecht het niet opgenomen verplichte jaarlijkse vakantieverlof in mindering gebracht. Geen grond voor het oordeel dat het opnemen van vakantieverlof niet verenigbaar is met een vrijstelling van werkzaamheden. Een beperkt VWS-spaarsaldo mag worden opgebouwd en dit spaarsaldo kan slechts worden opgenomen met evenveel uren verlof (tijd voor tijd). Geen bijzondere omstandigheden op grond waarvan van de in de PUB neergelegde beleidsregels had moeten worden afgeweken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken