CRvB 22 maart 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:848
Na tussenuitspraak. Met nieuwe besluiten zijn gebreken hersteld. Verzoek om vermogensherziening. Het eerder vastgestelde vermogen in 2012 is niet meer aanwezig en het saldo is negatief. Artikel 59a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wuv niet toegepast. Vermogen eenmalig vastgesteld. Klaarblijkelijke hardheid. Geen stukken overgelegd waaruit naar voren komt dat eigen invloed ontbreekt. Verweerder heeft mogen aannemen dat de vermogensvermindering door toedoen van appellante en haar echtgenoot is ontstaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl