CRvB 15 februari 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:503

Terugvordering voorschot WW-uitkering over startperiode als zelfstandige. Verschuiven van inkomsten. Art. 5 van het Inkomstenbesluit is niet in strijd met artikel 35aa of 77a van de WW. De wetgever en de besluitgever hebben de periode waarover de inkomsten van de startende zelfstandige werden bezien om te bepalen of er aanleiding was om deze inkomsten te verrekenen met de WW-uitkering, niet beperkt tot de 26 weken waarin een zelfstandige gebruik kon maken van de startersregeling. Uitdrukkelijk en onderbouwd is gekozen voor de periode van art. 5 van het Inkomstenbesluit. Hoewel dat niet letterlijk in de toelichting is opgenomen, is uit de strekking van die toelichting – het voorkomen van oneigenlijk gebruik en het verschuiven van inkomsten – af te leiden dat daarbij het oogmerk is geweest om een reëel beeld te krijgen van de gemiddelde inkomsten over een langere periode dan 26 weken. Over die langere periode zijn de mogelijkheden om dat beeld te beïnvloeden immers geringer. Dat appellant niet heeft geschoven met zijn inkomen is in dit verband niet van belang. Het Uwv was gehouden om toepassing te geven aan art. 5 van het Inkomstenbesluit.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen