CRvB 5 september 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:3034
Intrekking bijstand i.v.m. verzwegen gezamenlijke huishouding. Onweerlegbaar rechtsvermoeden (art. 3 lid 4 WWB) niet in strijd met art. 6 EVRM. Niet meewerken aan huisbezoek bij redelijke grond. Ook bevoegd tot intrekking en terugvordering o.g.v. WIJ omdat appellant inkomen en vermogenspositie van samenwerkende partner niet heeft uiteengezet.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- CRvB 6 oktober 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:3371
- CRvB 7 mei 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1428
- CRvB 25 juni 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:779
- CRvB 8 januari 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BY7968
- CRvB 6 maart 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BV7932
- CRvB 27 september 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:BB6239
- CRvB 29 januari 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE0165