CRvB 23 juni 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2623

Niet verzekerde periodes voor de AOW. Betrokkene is op grond van zijn werkzaamheden voor Eurojust niet verzekerd ingevolge de AOW. Voor het personeel van Eurojust gelden ingevolge artikel 30 van het Eurojust Besluit de verordeningen en regelingen die van toepassing zijn op ambtenaren en andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen. Bepalingen in de AOW of in KB 746 vinden ingevolge artikel 94 van de Grondwet geen toepassing, indien deze toepassing niet verenigbaar is met artikel 14, tweede lid, van de Zetelovereenkomst. Geconcludeerd wordt dat verzekering ingevolge KB 746 niet verenigbaar is met de Zetelovereenkomst. Indien het de bedoeling van de verdragsluitende partijen zou zijn geweest een uitzondering mogelijk te maken op de regel dat [functie] van Eurojust zijn vrijgesteld van rechten en plichten onder het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel, dan ligt het in de rede dat deze uitzonderingsmogelijkheid uitdrukkelijk zou zijn verwoord. Gelet op de bewoordingen van artikel 14, tweede lid, van de Zetelovereenkomst, zijn de in die bepaling bedoelde personen in alle opzichten uitgesloten van de verplichte sociale verzekeringen in Nederland. Dat geldt zowel voor de heffing van premie als voor het recht op uitkering. Het arrest Feyerbacher, waar de Svb naar heeft verwezen, doet aan dit oordeel niet af omdat de juridische uitgangspunten in dat geval anders waren dan in dit geval. Weliswaar kent de zetelovereenkomst van de Europese Centrale Bank (ECB), waar Feyerbacher werkzaam was, ook een algemene uitsluiting, doch de nadere regels voor ECB-medewerkers kennen voor het type uitkering in geding een bijzondere regeling.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken