CRvB 8 juli 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:4390

Een rechtbank mag slechts in zeer uitzonderlijke gevallen terugkomen van een in een tussenuitspraak zonder voorbehoud gegeven oordeel. De overwegingen in de tussenuitspraak over de belangafweging die moet worden gemaakt bij de terugvordering van onverschuldigd betaalde voorschotten zijn onjuist. De tussenuitspraak berust op een evident onjuiste juridische grondslag. De rechtbank heeft dus terecht een dergelijk bijzonder geval aanwezig geacht dat het terugkomen van het in de tussenuitspraak gegeven oordeel rechtvaardigde. De eisen van een goede procesorde brengen mee dat de rechtbank partijen in de gelegenheid dient te stellen zich hierover uit te laten, teneinde te voorkomen dat zij op een ondeugdelijke grondslag een einduitspraak zou doen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken