CRvB 20 oktober 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:3974
Appellant was bevoegd om betrokkene te ontslaan wegens het verlies van de BOA-bevoegdheid. Mede gelet op de grond waarop deze bevoegdheid door de staatssecretaris is ingetrokken, te weten het ontbreken van vertrouwen wegens het onderhouden van criminele contacten met R, heeft appellant in redelijkheid kunnen besluiten om betrokkene te ontslaan met toepassing van artikel 8:7, aanhef en onder a, van de CAR/UWO.
De uitspraak op rechtspraak.nl