CRvB 14 april 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1212

Beoordeling i.h.k.v. artikel 31, eerste lid, van de WWB en artikel 6.2.1.8 van de Beleidsvoorschriften Werk en Inkomen van de gemeente Amsterdam van de door de werkgever verstrekte 1 gram hasj per werkdag. Omdat appellant de hasj niet vrij kan besteden en voorts niet is onderbouwd dat, en in hoeverre, deze kosten betrekking hebben op kosten die in de algemene bijstand zijn inbegrepen, kan de hasj niet als middel worden aangemerkt. Het bestreden besluit berust niet op een deugdelijke grondslag. Geen sprake van loon in natura. Volgens vaste rechtspraak is voor een individuele afstemming in de vorm van een verlaging slechts plaats in zeer bijzondere situaties (voorbeeld). In dit geval kan een dergelijke situatie worden aangenomen nu door de werkgever in specifieke kosten, die in de regel uit het eigen inkomen moeten worden voldaan, wordt voorzien. Een zekere proportionaliteit dient daarbij wel in acht te worden genomen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken