CRvB 11 juni 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1934
Weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid. Betrokkene valt te verwijten dat zij het in de toepasselijke CAO neergelegde verbod om minder dan tien uur voorafgaande aan een vlucht alcohol te nuttigen heeft overtreden en dat zij over het tijdstip van haar alcoholgebruik tegenstrijdige verklaringen heeft afgelegd. Appellant hoeft in het feit dat - naar betrokkene onweersproken heeft gesteld - aan de senior purser die tegelijk met haar en om dezelfde reden werkloos is geworden wel een WW-uitkering heeft toegekend, aanleiding te zien betrokkene in strijd met de wettelijke bepalingen eveneens voor die uitkering in aanmerking te brengen. Het is vaste rechtspraak dat een beroep op het gelijkheidsbeginsel niet de herhaling van foutief besluit tot resultaat kan hebben.
De uitspraak op rechtspraak.nl