CRvB 26 maart 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5512
De Raad is met appellant van oordeel dat niet met recht kan worden gesteld dat strikte toepassing van artikel 14 van de Beleidsregels in dit geval tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Dat betrokkene al lang aan het aflossen is en ook nog lang zal moeten aflossen, is op zich onvoldoende om de ten onrechte aan betrokkene verleende bijstand niet verder terug te vorderen. Appellant heeft zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de verergering van de psychische klachten bij betrokkene als gevolg van de financiële problemen onvoldoende is om in afwijking van artikel 14 van de Beleidsregels geheel of gedeeltelijk kwijtschelding te verlenen. Voor het oordeel dat de besluitvorming onzorgvuldig is voorbereid, bestaat geen grond. Het bestreden besluit is voorts deugdelijk gemotiveerd. Appellant heeft zijn standpunt onderbouwd onder verwijzing naar het uitgebreide advies van de afdeling terugvordering en verhaal. Vernietiging uitspraak. Beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl