CRvB 23 februari 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BV7422

1) Ontslag op andere gronden wegens een duurzaam verstoorde arbeidsverhouding. Gezien de starre opstelling van betrokkene is een situatie ontstaan waarin van een duurzaam verstoorde arbeidsverhouding moet worden gesproken. Het college kwam de bevoegdheid toe om betrokkene te ontslaan. 2) Re-integratiefase van 6 maanden. Re-integratiebudget. De op de re-integratiefase toepasselijke bepalingen uit hoofdstuk 19 van de ARU stellen buiten twijfel dat niet alleen van de betrokken ambtenaar, maar ook van het college inspanningen gericht op re-integratie worden verlangd. De inspanningen van het college zijn minimaal geweest. Het college heeft, nadat onderhandelingen over een oplossing in onderling overleg niet tot resultaat hadden geleid, eenvoudigweg het vertrouwen verloren dat de re-integratiefase gezamenlijk vorm kon worden gegeven. De voor betrokkene nadelige gevolgen van het gehandhaafde besluit tot beëindiging van de re-integratiefase zijn onevenredig in verhouding tot de met dat besluit te dienen doelen. De Raad voorziet zelf en bepaalt dat betrokkene bij een recht op WW jegens het college aanspraak heeft op een aanvullende en vervolgens nawettelijke uitkering met (overeenkomstige) toepassing van artikel 19:10 en artikel 19:15 van de ARU.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen