CRvB 28 september 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BN9571

Afwijzing verzoek om een voorlopige voorziening. Voldoende spoedeisend belang. Koppelingswetgeving. In artikel 13 van het ESH en in artikelen 11 en 13 van het IVESCR is sprake van algemeen omschreven sociale doelstellingen waaruit geen onvoorwaardelijk en nauwkeurig bepaalbaar subjectief recht in de vorm van een (afdwingbare) aanspraak op bijstand valt te ontlenen. Evenmin is in de zin van artikel 8 van het EVRM een grond voor bijstandverlening is gelegen. Geen sprake van schending van artikel 3 van het EVRM. Op grond van artikel 3 van het EVRM mag niemand worden onderworpen aan folteringen of aan onmenselijke behandelingen of bestraffingen. De voorzieningenrechter ziet niet in hoe de in dit geding aan de orde zijnde afwijzing van de aanvraag om bijstand een schending kan opleveren in vorenbedoelde zin. De voorzieningenrechter acht het niet in redelijke mate waarschijnlijk dat de aangevallen uitspraak in hoger beroep niet in stand zal blijven.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen