CRvB 3 maart 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BL8933

Indicatie voor ondersteunende begeleiding en verblijf. Omvang geding. Procedure bij de rechtbank. Geen toestemming verleend om een nadere zitting achterwege te laten. Raad doet zaak af zonder terugwijzing. CIZ is uitsluitend bevoegd wat betreft het indiceren van jeugdigen, ter zake van zorg die geen verband houdt met een psychiatrische aandoening of beperking, een gedragsprobleem of een psychisch of psychosociaal probleem. Een indicatiebesluit, gelet op de samenhang tussen de - mogelijk - te indiceren zorgfuncties, is een en ondeelbaar (vergelijk van de uitspraak van 28 november 2007, LJN BB9311). In geval van een mogelijk dubbele indicatiegrondslag is onderlinge afstemming van de besluitvorming van CIZ en de Stichting aangewezen. Om praktische problemen te ondervangen is mogelijk om gezamenlijk onderzoek te verrichten en/of gezamenlijk een besluit te nemen, ieder voor de zorg waarvoor hij bevoegd is te indiceren. CIZ was in ieder geval niet bevoegd om ten aanzien van appellant een indicatiebesluit te nemen voor zover dat gegrond is op de uit de psychiatrische stoornis voorvloeiende beperkingen. Vernietiging besluit. De Raad voorziet zelf. Hij zal het besluit herroepen en de aanvraag - voor zover deze haar bevoegdheid betreft - doorsturen aan de Stichting. CIZ en de Stichting zullen in onderling overleg en onderlinge afstemming met inachtneming van het beleid dat zij beiden ten tijde van belang voerden, de aanspraken van appellant dienen te beoordelen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen