CRvB 22 oktober 2008, ECLI:NL:CRVB:2008:BG1621
De rechtbank heeft de beroepsgronden van betrokkene met betrekking tot de medische grondslag van het bestreden besluit uitdrukkelijk en zonder voorbehoud verworpen. Dat betekent dat de medische grondslag van het betreden besluit niet binnen de omvang van het geding in hoger beroep valt. Van nauwe verwevenheid is geen sprake. Bij de selectie van de aan de schatting ten grondslag gelegde functies is de FML een vaststaand gegeven. Betrokkene had ook een zelfstandig belang bij het instellen van hoger beroep, nu de rechtbank de door betrokkene tegen de medische grondslag van het bestreden besluit aangevoerde gronden uitdrukkelijk en zonder voorbehoud heeft verworpen. De in de uitspraak van de Raad van 17 april 2007, LJN BA2955, neergelegde lijn dat in gevallen waarin door een betrokkene - slechts - de medische grondslag van het bestreden besluit aan de orde is gesteld de rechterlijke toetsing van de schatting zich uitstrekt tot die medische grondslag alsmede tot de - arbeidskundige - vraag of de aan de schatting ten grondslag gelegde functies in medisch opzicht geschikt zijn, berust aldus op de in artikel 8:69, eerste lid, van de Awb besloten liggende verplichting van de bestuursrechter om de aangevoerde beroepsgronden uit een oogpunt van rechtsbescherming voldoende ruim naar hun strekking op te vatten. Dit betekent dat er in zo’n geval van wordt uitgegaan dat de betrokkene niet alleen de medische grondslag van de schatting, maar ook de geschiktheid in medisch opzicht van de functies aan de orde heeft willen stellen. Met het voorgaande is in overeenstemming dat in gevallen waarin uitsluitend arbeidskundige beroepsgronden worden aangevoerd, de rechterlijke toetsing tot die gronden is beperkt.
De uitspraak op rechtspraak.nl