CRvB 17 mei 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB2690
Uitspraak van de rechtbank, waarin werd geoordeeld dat het Rpbo op het punt van ontbreken van compensatieregeling bij samenloop van bevallings- en vakantieverlof wegens strijd met AWGB en en richtlijn 76/207/EEG buiten toepassing dient te blijven, vernietigd. Ingevolge art. I-C2, eerste lid, van het RpbO geniet de betrokkene, gedurende de schoolvakanties dan wel de periode waarin de instelling geen onderwijs verzorgt of examens afneemt, vakantieverlof met behoud van bezoldiging. In deze bepaling is van gelijkstelling van zwangerschapsverlof met ziekte geen sprake. De vraag of het ontbreken van een compensatieregeling in het RpbO voor de situatie waarin zwangerschaps- en bevallingsverlof samenvalt met vakantieverlof in strijd is met nationaal en/of internationaal recht, beantwoordt de Raad ontkennend. Het ontbreken van een dergelijke compensatieregeling is noch in strijd met Richtlijn 92/85 EEG noch in strijd met Richtlijn 76/207 EEG.
De uitspraak op rechtspraak.nl