Centrale Grondkamer 14 januari 2020, ECLI:NL:CG:2020:1
Centrale Grondkamer, pachtrecht artikel 7:333, lid 2 BW, artikel 21 aanhef en onder c en d Pachtprijzenbesluit 2007, artikel 4 en bijlage 2A Uitvoeringsregeling pacht Herziening tegenprestatie. Doelmatigheidscategorie. Uitgegaan moet worden van het pachtobject zoals dat ten tijde van het ingaan van de pachtovereenkomst ter beschikking is gesteld. De daaraan nadien door pachter voor zijn rekening aangebrachte veranderingen en verbeteringen dienen daarbij buiten beschouwing te worden gelaten. De pachtkamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft overwogen dat in de bedrijfsgebouwen geen reële exploitatie (meer) mogelijk is en geoordeeld dat het pachters is toegestaan de opstallen niet in gebruik te hebben. Het gaat om eeuwenoude gebouwen die niet of lang geleden zijn gemoderniseerd. De aangevoerde omstandigheden maken niet dat bij herziening van de pachtprijs de pachtprijs voor de woning en de bedrijfsgebouwen op een symbolisch bedrag moet worden bepaald. De geringe doelmatigheid is een van de factoren in dat besluit die de waarde bepalen. De hoogst toelaatbare pachtprijs voor gebouwen die aanmerkelijk ouder zijn dan waarmee in het pachtprijs systeem rekening is gehouden, ligt lager dan het tabelbedrag. Voor zover het tabelbedrag wel in alle gevallen heeft te gelden als de hoogst toelaatbare pachtprijs voor alle gebouwen die in de categorie “slecht” vallen dan verlangen redelijkheid en billijkheid dat die in dit geval lager dan de hoogst toelaatbare wordt vastgesteld.
De uitspraak op rechtspraak.nl